Digitaliseringskansen worden zichtbaar met de Digiscan

Hogeschool Rotterdam helpt, samen met de andere partners binnen SMITZH, ondernemers verder met toepassing van digitalisering binnen hun bedrijf. Het onderzoeksproject Digiscan, in samenwerking met het Kenniscentrum Business Innovation, die nog gaande is, komt met tussentijdse resultaten.

In november 2019 is het onderzoeksproject Digiscan gestart. Binnen dit project wordt samen met bedrijven onderzoek gedaan naar de kansen van digitalisering voor hun onderneming. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met het Kenniscentrum Business Innovation.

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat mkb-ondernemers (te) weinig inspelen op de kansen en bedreigingen die digitalisering met zich meebrengt. Doel van het project is een meetinstrument te ontwikkelen welke het mkb kan helpen digitalisering optimaal toe te passen in de organisatie.

Hoewel het onderzoek nog niet afgerond is, vindt de onderzoeksgroep het belangrijk om de tussenresultaten te delen. De resultaten schetsen een goed beeld van de digitaliseringsstatus van bedrijven. “Er liggen nog zo veel kansen!” Het onderzoeksproject Digiscan is volop gaande. Halverwege 2022 zal het onderzoeksproject afgerond worden.

Jan Pons, onderzoeker en projectleider Digiscan: “Verrassend of niet, uit de eerste resultaten van het onderzoek blijkt dat veel van de mkb-bedrijven in de Zuid-Hollandse maakindustrie nog niet alle interne bedrijfsprocessen geautomatiseerd hebben. Dat is wel een voorwaarde om vervolgstappen te zetten naar digitalisering van het gehele productieproces. ”

“In de afgelopen maanden is er met 23 bedrijven gesproken. Opvallend is dat het merendeel worstelt met de automatisering van het productieproces” vertelt Jan. “Vaak zijn bedrijfsprocessen als het offertetraject, orderacceptatie en de financiële administratie wel geautomatiseerd, maar het productiedeel niet. En juist daar kan een bedrijf veel winnen! Want door ook het productieproces te automatiseren kunnen levertijd, productiekosten en voorraadbeheer veel beter beheerd worden.”

Tussentijdse resultaten

De Digiscan helpt de onderneming in kaart te brengen waar er mogelijkheden tot automatiseren liggen. “Automatiseringsoplossingen,  zoals Enterprise Resource Planning (ERP), waarmee de verschillende operationele werkzaamheden binnen een bedrijf worden ondersteund zijn veelal wel geïmplementeerd maar niet voor het gehele proces. De belangrijkste reden hiervoor lijkt te zijn dat de productieprocessen over de jaren bedacht en geoptimaliseerd zijn, maar men nog steeds vasthoudt aan de vertrouwde processen als de papieren werkbonnen. De overstap van dit goed lopende papieren proces, waaraan men gewend is, naar een geautomatiseerd systeem, is vaak lastig. Het vergt enerzijds verandering bij de medewerkers, maar anderzijds ook een gedegen analyse van het bestaande proces, dan wel het gewenste nieuwe proces. Het ontbreekt de bedrijven vaak aan kennis, tijd en prioriteit om zo’n grote verandering door te voeren terwijl de noodzaak om dit wel te doen, door veranderende eisen van de klanten, toeneemt.”

Kansen voor digitalisering identificeren

Hogeschool Rotterdam helpt, samen met de andere partners binnen SMITZH, ondernemers verder met toepassing van digitalisering binnen hun bedrijf. “Dit doen we onder andere door het geven van workshops, waarin we ondernemers helpen met het uitwerken van een plan van aanpak”. Door middel van dit plan van aanpak is de onderneming in staat de automatisering stap voor stap toe te passen en maken zij stemmen ze daarmee hun aanbod beter af op de wensen en eisen van de klanten.

Onderzoeksaanpak

SMITZH is een verbinder op het gebied van Smart Manufacturing en brengt vraag en aanbod in Zuid-Holland bijeen om de praktische toepassing van slimme technologieën in de maakindustrie te bevorderen. Onderzoekspartner Kenniscentrum Business Innovation heeft de taak om aan de hand van de Digiscan, samen met de ondernemingen de kansen voor digitalisering te identificeren. Aan de hand van de uitkomsten gaat het kenniscentrum in gesprek met het bedrijf en komen alle aspecten van de bedrijfsvoering aan de orde. Voor de knelpunten en kansen die met behulp van digitalisering opgelost zouden kunnen worden, wordt de verbinding gelegd met de andere partners binnen SMITZH waaronder een aantal fieldlabs.

Deelnemen

Bedrijven die de (gratis) Digiscan willen laten uitvoeren binnen hun organisatie, zijn van harte welkom deel te nemen. Voor meer informatie kunnen zij contact opnemen met Jan Pons of bezoek de projectpagina van de Digiscan.

METAVAK slaat handen ineen met Koninklijke Metaalunie en SMITZH

De vakbeurs METAVAK sluit wederom een intensieve samenwerking met Koninklijke  Metaalunie. Verder slaat METAVAK voor het eerst de handen ineen met SMITZH (Smart Manufacturing  Industriële Toepassing Zuid-Holland), waar Metaalunie onderdeel van is. SMITZH is een programma met als  doel de Zuid-Hollandse maakindustrie en zijn technologische toeleveranciers te ondersteunen bij het  toepassen van Smart Manufacturing, ofwel het automatiseren, robotiseren en digitaliseren van de productie. Dit gebeurt door kennis en vouchers. SMITZH organiseert een 3-daags programma op de beursvloer verdeeld per thema per beursdag: slim leren (beursdag 1), slim produceren (beursdag 2) en  slim verdienen (beursdag 3). METAVAK is dit jaar op 5, 6 en 7 oktober 2021 in Evenementenhal  Gorinchem.

SMITZH wordt gecoördineerd door InnovationQuarter en wordt mede mogelijk gemaakt door diverse partners,  waaronder Metaalunie, TNO, Holland Instrumentation, FME, Provincie Zuid-Holland, TU Delft, Metropoolregio  Rotterdam/Den Haag, De Haagse Hogeschool en Hogeschool Rotterdam.

Anton Duisterwinkel, Programma manager SMITZH bij InnovationQuarter zegt: “Op tijd de gevraagde kwaliteit leveren tegen minimale kosten.  Digitalisering kan daarbij het verschil maken. Ondernemers in de metaal die daarin een stap(je) willen maken,  kunnen terecht bij SMITZH voor kennis, kunde en een financieel duwtje in de rug.” 

In samenwerking met Metaalunie gaat SMITZH een 3-daags programma op de beursvloer aanbieden, waarbij er  twee keer per beursdag een reeks sessies bij te wonen zijn. Het programma is opgedeeld per thema per  beursdag. De dinsdag (5 oktober) staat in het teken van slim leren, waarbij diverse academies presentaties  geven over onder meer techniek, IoT, Smart Welding en Robotisering. Op de woensdag (6 oktober) staat slim produceren centraal met onderwerpen als 3D-printing en slim datagebruik. Slim verdienen is het dagthema op  de donderdag (7 oktober) met aandacht voor onder andere ERP-systemen, servitization, kosten-baten tool en  circulariteit.

In de techniek is elke dag bijleren noodzakelijk, want techniek vergt vakmanschap die moet  worden bijgehouden, verdiept en verbreed. Metaalbedrijven schreeuwen echt om gekwalificeerd technisch  personeel. Goed dat SMITZH daar als kennispartner van METAVAK volop op inzet”, vult Marie-Claire van  Doremalen, regiosecretaris Zuid-Holland Metaalunie, aan. 

Verder organiseren Metaalunie samen met SMITZH het CEO-diner op woensdag 6 oktober van 18.00 tot 20.00  uur. Dit is een netwerkdiner voor CEO’s waar ook diverse pitches worden gehouden over smart manufacturing.  Het CEO-diner is alleen op aanmelding en uitnodiging bij te wonen. Daarnaast organiseert Easyfairs in  samenwerking met Metaalunie een studentenmiddag. Het doel van deze middag is het promoten van techniek  onder toekomstige vakprofessionals. Er komt een centraal programma plus een rondje over de beursvloer om de branche te leren kennen. 

Voor meer informatie over METAVAK: www.metavak.nl
Meer weten over het automatiseren, robotiseren en digitaliseren van jouw productieprocessen? Neem direct contact op met Anton Duisterwinkel.

Robots in de fabriek integreren met machines: niet langer een mythe!

Robots in je fabriek integreren lijkt complex en duur. Maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Deze adviezen maken de weg vrij in jouw fabriek. Er zijn nog volop misverstanden over het toepassen van robots in productiebedrijven. Ze zijn te complex, te duur en kunnen maar heel lastig worden geïntegreerd in productieprocessen, zeker in samenwerking met andere machines. Maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Deze adviezen maken de weg vrij.

Een robot in een fabriek is geen doel op zich. En ook zal deze maar heel zelden ‘in zijn eentje’ zijn werk aan het doen zijn. Net als bij alle machines, staat of valt het nut van een robot bij het optimaliseren van het productieproces. Maar bij een robot ligt de nadruk op andere zaken dan bij de meeste andere machines.

Daarom is het belangrijk om – vóórdat je een robot inzet – het hele proces goed in kaart te brengen, zowel upstream als downstream. Upstream: zijn de grondstoffen en halffabricaten van dusdanige kwaliteit dat een precisie-instrument als een robot ermee uit de voeten kan? Downstream: kan de robot zijn producten kwijt; zijn de processen erachter snel en efficiënt genoeg?

Zo niet, dan creëer je een (nieuwe) bottleneck ergens in het proces en doe je een groot deel van de voordelen van een robot teniet. Het is dus een goed idee om de inzet van robot(s) al bij het ontwerpen van het productieproces mee te nemen.

Even een zijsprongetje: natuurlijk kun je dankzij robots besparen op personeelskosten, maar reken jezelf niet meteen rijk. Je hebt wel minder mensen nodig, maar wie je wel inzet is hoger geschoold (en zal ook voortdurend bijgeschoold moeten worden).

De zwakste schakel…

…is altijd bepalend voor de snelheid van de productie. Dat is geen nieuws voor een doorgewinterde ondernemer. Maar in het geval van robots kunnen deze zwakke schakels op onverwachte plekken opduiken.

Bij precisie-instrumenten zoals robots speelt nauwkeurigheid een grote rol. De kwaliteit en vooral de nauwsluitende tolerantiegrenzen van de upstream-processen zijn cruciaal. En natuurlijk de doorlooptijd. Robots zijn snel – een van hun fijne kwaliteiten tenslotte – dus de aanvoer van halffabricaten zal ook een tandje moeten bijschakelen, zodat ze niet stil komen te staan.

Monitoring en control

Meten is weten en in het geval van productieprocessen gaat het dan om monitoring en control. Niet alleen bij de robot, maar ook upstream én downstream. De robot zal zijn producten uiteindelijk ook naar het volgende stadium kwijt moeten, dus ook dit proces moet optimaal draaien.

Een fijne tool die daarvoor beschikbaar is, is het Internet of Things. In dit geval het Internet of Robotic Things of IoRT. Robots verzamelen met hun sensoren en camera’s flinke hoeveelheden data. Deze data kunnen met de juiste software worden ontsloten om de kwaliteit te bewaken van het productieproces. Maar ook om processen te reguleren. Een upstream-proces kan de robot bijvoorbeeld inseinen dat deze bepaalde tools klaar moet zetten want een specifiek halffabricaat staat eraan te komen.

Cobots

Robots integreren in een fabriek is complex en kostbaar. Vandaar dat bedrijven vaak kiezen voor een tussenoplossing: de cobot. Dit is een (kleinere) robot, die bedoeld is om met mensen samen te werken. Het inzetten van cobots is een belangrijke trend in het laagdrempelig toepassen van robots.

De kosten die gepaard gaan met cobots zijn een stuk lager. Dat heeft onder meer te maken met dat ze gemakkelijker kunnen worden geprogrammeerd. Vaak zelfs via ‘teach-in’: de mens doet het de robot als het ware voor door hem handmatig te besturen, waarna deze het vervolgens zelf kan. Grote robots zijn daarvoor in de regel te complex.

Een cobot is ook echt bedoeld om letterlijk naast een mens te werken. Grote robots werken in een afgesloten kooi, vanwege het grote gevaar dat ze voor hun omgeving kunnen vormen. Cobots kunnen gemakkelijker worden geïntegreerd in bestaande processen. Voor complexe robots moet vaak de hele fabriekshal en het productieproces op de schop. Maar vergis je niet: ook voor cobots is scholing een belangrijke vereiste.

Aan de slag met een robot in jouw fabriek

Ben je nieuwsgierig geworden en wil je weten of robots iets voor jouw productieproces kunnen betekenen? Met een haalbaarheidsonderzoek van SMITZH kun je erachter komen wat een bepaalde Smart Manufacturing technologie voor jou kan betekenen. We hebben nu vouchers beschikbaar waarmee we 50% van de kosten van zo’n haalbaarheidsonderzoek dekken. Toets op een laagdrempelige manier of jouw bedrijf in aanmerking komt voor een voucher en krijg hulp bij de aanvraag.

Haalbaarheidsonderzoek: hier lees je er alles over!

Een nieuwe markt aanboren: zo richt je jouw exportproces goed in

Je wil je business graag uitbreiden naar het buitenland. Je hebt goed nagedacht over waar je kansen liggen en hebt je verdiept in culturele verschillen. Maar na de eerste klantorder begint het pas écht. Want voordat het product veilig en op tijd bij je klant is gearriveerd en jij het geld op je rekening hebt, moet er heel wat gebeuren. Wat komt er in praktische zin allemaal kijken bij het exporteren van je business?

Een nieuwe markt aanboren zó richt je jouw exportproces goed in

Een eerste belangrijke vraag is hoe je de vertegenwoordiging in het buitenland gaat regelen. Stel je een eigen vertegenwoordiger aan, eventueel vanuit een lokaal verkoopkantoor? Denk dan goed na over bijvoorbeeld juridische aspecten (welke lokale regels gelden er?) en de bemensing ‘op de grond’.

Zeker als het gaat om je eerste schreden over de grens zul je er eerder voor kiezen om te werken met een lokale distributeur of handelsagent. Die fungeert als schakel tussen jou en je buitenlandse afnemers en helpt je met het bewerken van de lokale markt. Groot voordeel is dat hij of zij de lokale markt normaal gesproken goed kent en de taal spreekt.

Ken je partners

Maar let op: de ene distributeur of agent is de andere niet. Zo zal de ene partij meer marktkennis en commerciële knowhow hebben dan de andere. Ook kan het gebeuren dat een lokale vertegenwoordiger je vooral opneemt in zijn of haar portfolio om je de wind uit de zeilen te nemen. De betreffende distributeur of agent werkt dan bijvoorbeeld ook samen met jouw concurrenten die een grotere marge bieden.

Een goede partnercheck vooraf voorkomt teleurstellingen. Wat is het trackrecord van de betreffende distributeur of agent? En hoe ziet de rest van het portfolio eruit? Voor meer aanbevelingen voor internationaal ondernemen lees hier verder.

Transport: halen of brengen?

Je bent erin geslaagd om je eerste buitenlandse order te scoren. Nu is het zaak om je product goed op de plek van bestemming te krijgen. In principe heb je twee opties: de klant komt de goederen ophalen of jij regelt het transport zelf.

De producten in Nederland laten ophalen kan makkelijk zijn, zeker als je net internationaal komt kijken. Maar let op: aan zo’n constructie kleven ook risico’s. Zodra de goederen op weg zijn, ben jij als leverancier de grip kwijt. Dat kan vervelende discussies opleveren als er onderweg iets gebeurt.

Meer grip

Zélf het transport verzorgen heeft als voordeel dat je zelf veel meer grip hebt op het logistieke proces. Bovendien vinden veel klanten het simpelweg prettig als ze zelf geen omkijken meer naar het transport hebben. Ook is het, zeker bij complexe machines, handig als een van je eigen mensen de ingebruikstelling op locatie kan verzorgen.

Zorg wel voor een goede transportverzekering die qua dekking past bij de specifieke risico’s. Een partij bakstenen vraagt nu eenmaal om een andere verzekering dan een op maat gemaakte hightech machine. Transportkosten zul je bovendien moeten verwerken in je prijs. Kom je met de prijs die je rekent wel uit de kosten?

Bij de levering draait uiteindelijk alles om een goede balans tussen kosten aan de ene, en risico’s aan de andere kant. Kun je de risico’s dragen of voldoende afdekken?

Hoe laat je je betalen?

Een ander cruciaal punt: je betalingscondities. Je klanten vooruit laten betalen is natuurlijk ideaal, maar dat is lang niet in elke sector gebruikelijk. Integendeel; in de maakindustrie is achteraf betalen doorgaans de norm. Daarbij geldt als vuistregel: stel je vooraf goed op de hoogte van de gebruikelijke betalingstermijnen. Een betalingstermijn tot 180 dagen is in sommige landen eerder regel dan uitzondering. Denk hier goed vooraf over na. Als je pas na 180 dagen betaald krijgt, kun je die periode dan overbruggen? Je vaste lasten lopen immers gewoon door.

Verdiep je in de gebruikelijke betalingscondities binnen jouw sector. En doe onderzoek naar de betalingsmoraal in het land waarop je je richt. Dat voorkomt onaangename verrassingen.

Verdiep jezelf!

Al met al komt er veel kijken bij het goed inrichten van je exportproces. Hulp nodig? Er zijn veel private partijen waar je terecht kunt voor bijvoorbeeld trainingen en cursussen rondom Incoterms (internationale afspraken over de verdeling van risico’s en kosten van transport van goederen), internationale betalingscondities en documenten.

Ook is er veel kennis online beschikbaar en kun je op veel plekken terecht voor (gratis) advies.

Meer weten over internationaal ondernemen?

Loop je rond met plannen om een nieuwe markt aan te boren en wil je een keer vrijblijvend sparren? Neem dan gerust contact op met Marit Kuijpers (Senior Projectmanager Internationalisering bij InnovationQuarter) via marit.kuypers@innovationquarter.nl.

Kan een exoskelet mij echt helpen? Vijf lessen die je moet weten

Run je een bedrijf in de industriële sector? Wellicht worden jouw medewerkers blootgesteld aan lichamelijk zware werkzaamheden: dag in dag uit werken ze met materialen en dragen ze gereedschap, vaak met een gebogen rug of opgeheven armen. Dit kan risico’s met zich meebrengen omdat de werknemers vermoeid en overbelast kunnen raken en hun productiviteit achteruit kan gaan. De werkbelasting kan leiden tot blessures, rugklachten, nek- en schouderpijn en zelfs invaliditeit en ziekteverzuim. Maar liefst 44 miljoen werknemers in de Europese Unie krijgen klachten naar aanleiding van fysiek zwaar werk. Dit kost de industrie jaarlijks meer dan $ 300 mrd.

 

Een exoskelet kan uitkomst bieden doordat het op het lichaam wordt gedragen en bij zware werkzaamheden kan ondersteunen. Exoskeletten kunnen helpen om het aantal spier- en skeletletsels te verminderen en de vitaliteit van werknemers te verhogen. Op de lange termijn zou dit minder kosten voor het bedrijf kunnen betekenen.
Toch zien we dat exoskeletten in het mkb nog maar weinig worden ingezet. Dit terwijl diverse taken in de maakindustrie zich hier goed voor lenen. In de regio Zuid-Holland is al de nodige expertise over exoskeletten aanwezig bij bedrijven en organisaties als TU Delft en TNO.

Nieuwsgierig? TNO-expert Michiel de Looze beschreef in een blog voor het innovatieprogramma EXSKALLERATE 5 handige lessen om mee te nemen, voordat je besluit tot aanschaf.

 

1: Een exoskelet is niet de eerste oplossing die je zou kunnen overwegen

Ten eerste moet je kijken naar andere ergonomische maatregelen die het zware fysieke werk verminderen of zelfs elimineren: herinrichting van de werkplek, het gebruik van kranen, balanceerapparaten of andere hulpmiddelen, mechanisatie of robotisering. Als deze vanuit operationeel, technisch of financieel oogpunt niet haalbaar zijn, dan pas zou je het gebruik van exoskeletten moeten overwegen.

 

2: Een exoskelet kan effectief zijn (of niet)

Passieve exoskeletten (gebaseerd op veersystemen en commercieel verkrijgbaar) verminderen de mechanische belasting van het menselijk lichaam. Dit is echter vooral gebaseerd op onderzoek naar geïsoleerde activiteiten in een lab setting. In de praktijk is het werk zelden een op zichzelf staande activiteit, maar een verscheidenheid aan activiteiten. Of een exoskelet de werkdruk wel of niet vermindert, hangt af van het activiteitenprofiel in de loop van de tijd in jouw specifieke werksituatie.

 

3: Bepaal vóór het testen het potentieel van exoskeletgebruik

Voordat je een exoskelet naar jouw werkplek brengt, moet je een idee hebben van de specifieke activiteiten die ondersteuning nodig hebben in jouw werksituatie en die ondersteuning kunnen krijgen van een exoskelet. Het is ook net zo belangrijk om een idee te hebben van de activiteiten die niet zouden worden ondersteund of die zelfs zouden kunnen worden belemmerd door het dragen van een exoskelet. Dit vereist een gedegen taakanalyse. Het kost wat moeite maar voorkomt tegenslag en teleurstelling als de exoskeletten eenmaal zijn aangeschaft.

 

4: Betrek werknemers bij het testen en implementeren

Misschien een voor de hand liggende, maar te belangrijk om niet te noemen: betrek jouw medewerkers bij het proces van het testen, implementeren en beslissen. Wegen de positieve, belastingverlagende effecten op tegen de eventuele hinder die het exoskelet met zich meebrengt? De ervaringen op de werkvloer zijn cruciaal voor verder gebruik en acceptatie. De werknemers zullen het exoskelet gaan dragen dus zorg ervoor dat er draagvlak is. Eventuele pilots en een goede begeleiding zijn zeker aan te raden.

 

5: Verdien de kosten terug

De prijzen variëren, maar een exoskelet met armondersteuning kost al gauw € 4.000,-  met inachtneming van additionele kosten voor training, consultancy en besluitvorming. Hoe kun je dit geld terugverdienen?

Enerzijds kan er bespaard worden op het terugdringen van de kosten voor personeelsvervanging. Stel dat een van jouw medewerkers vaak met ziekteverlof is vanwege schouderklachten. Zodra het exoskelet het ziekteverzuim met twee weken vermindert, worden de kosten terugverdiend door besparing op personeelsvervangingskosten. Anderzijds kan de productiviteit toenemen als gevolg van minder overbelasting op de werkvloer. Een stijging van 5% kan de investering over het algemeen in ongeveer 3 jaar terugverdienen. Het is natuurlijk niet gegarandeerd dat dit zal gebeuren, dus je moet ook rekening houden met meer kwalitatieve aspecten: minder vermoeidheid en ongemak bij personeel, meer tevreden en gemotiveerde werknemers en meer aantrekkelijkheid van het werk.

 

Wat kunnen wij voor jou betekenen?

Volgens onderzoek van de EXSKALLERATE-partners zou het gebruik van exoskeletten 10-40% van de piekbelasting van de spieren kunnen verlichten voor passieve exoskeletten, en tot 80% voor actieve exoskeletten.

Het consortium dat bestaat uit bedrijfsondersteunende organisaties, clusters en onderzoeksinstituten zal hiervoor fieldlabs opzetten en helpen ontwikkelen. Daarnaast zullen er ook verschillende informatieve workshops voor mkb-bedrijven worden georganiseerd. Hierin denken experts mee in uitdagingen en oplossingen die mkb’s tegenkomen bij de adoptie van exoskeletten.

“Mensen moeten langer werken in onze vergrijzende samenleving. Wij streven ernaar om mensen in de productie- en bouwsector te helpen om dat op een gezonde en gelukkige manier te doen door de toepassing van exoskeletten te versnellen. Eenmaal gevestigd in deze industrieën, verwachten we dat andere industrieën, zoals logistiek en landbouw, snel zullen volgen,” zegt Anton Duisterwinkel, coördinator van EXSKALLERATE bij InnovationQuarter en programmamanager van SMITZH.

Ook jij kunt meeprofiteren van de voordelen van exoskeletten. Interesse gekregen na het lezen van deze blog? Houd de internationale projectwebsite in de gaten voor projecten en workshops waaraan je kunt deelnemen of neem direct contact op met Anton Duisterwinkel als je meer wilt weten over het programma.

Afbeelding: © Skelex

Maak jouw productiebedrijf slim met een SMITZH voucher

Werk jij voor een Zuid-Hollands maakbedrijf of technologische toeleverancier en wil je sneller, schoner en goedkoper produceren?  Wij verbinden je graag aan voor jou interessante fieldlabs en maken je wegwijs in de beschikbare tools, opleidingen en subsidies die er zijn om met Smart Manufacturing aan de slag te gaan. 

Wellicht spelen de volgende vragen bij jou:

  • Hoe kan ik tegen minder kosten produceren?
  • Hoe zorg ik dat mij klant meer tevreden is (over kwaliteit, levertijd, kosten)?
  • Hoe zorg ik dat ik veel minder tijd kwijt ben aan het regelen van de operatie (minder fouten)?

Wij zijn SMITZH (Smart Manufacturing Industriële Toepassing Zuid-Holland), de Smart Industry Hub van Zuid-Holland. Wij brengen vraag en aanbod lokaal bijeen om de praktische toepassing van slimme technologieën te bevorderen. Denk hierbij aan robots, 3D-printen en sensoren. Slimme maaktechnologieën waarmee je sneller, goedkoper en efficiënter kunt produceren.

Technologische maakbedrijven uit de regio Zuid-Holland die aan de slag willen met het digitaliseren en automatiseren van hun productie kunnen een duwtje in de rug krijgen met een voucher.

Wat voor type vouchers zijn er?

SMITZH biedt op dit moment drie typen vouchers aan waarmee je subsidie kunt krijgen op verschillende activiteiten om smart manufacturing toe te passen.

Je kunt subsidie krijgen als je een:

  1. oriëntatieworkshop wilt doen op een technologie. Je kunt hiervoor tot € 5.000,- vergoed krijgen. De workshop duurt een dag(deel). De workshop wordt online of op locatie gegeven door een fieldlab of een andere expert. Je eindigt de workshop met een shortlist met ideeën voor mogelijke toepassingen.
  2. een haalbaarheidsonderzoek wilt doen. Je kunt hiervoor tot € 10.000,- vergoed krijgen. Het onderzoek duurt vaak een aantal weken tot maanden. Bij het onderzoek is een fieldlab betrokken. Aan het eind van het onderzoek ontvang je een adviesrapport waarin staat of een beoogde technologie voor jouw bedrijf geschikt is en wat het mogelijk oplevert.
  3. een innovatieproject wilt doen om een oplossing binnen jouw bedrijf te testen. Je kunt hiervoor tot € 30.000,- vergoed krijgen. Dit duurt vaak enkele maanden tot een jaar. Bij het project is een fieldlab betrokken. Je gaat op kleine schaal ontwikkelen en in de praktijk valideren of een toepassing werkt.

Hoe werkt het en is het de moeite waard?

  • Welk voucher past het beste bij mij?
  • Is het de moeite waard om een aanvraag in te dienen?
  • Ik wil een voucher aanvragen, maar ben nog op zoek naar een expert of fieldlab om dit samen mee te doen.
  • Ik wil een voucher aanvragen, maar de procedures zijn nog te onduidelijk ik zoek hulp bij het indienen.

Daar kunnen wij mee helpen!

haalbaarheidsonderzoek SMITZH

Fieldlabs en experts

Voor het aanvragen van een workshopvoucher heb je een fieldlab of expert naar keuze nodig. Om een haalbaarheidsonderzoek of innovatieproject te doen, moet samengewerkt worden met één van de SMITZH fieldlabs. Als je nog geen connectie met een fieldlab of expert hebt gemaakt, kan SMITZH jou aan een passend fieldlab of expert verbinden.

Fieldlabs zijn praktijkomgevingen waarin bedrijven en kennisinstellingen doelgericht oplossingen ontwikkelen, testen en implementeren. Zij versterken verbindingen met onderzoek, onderwijs en beleid op een specifiek thema. Grote voordeel voor het bedrijf is dat geavanceerde faciliteiten en -opstellingen gebruikt kunnen worden en connecties met experts snel zijn gemaakt.

In fieldlab RAMLAB wordt bijvoorbeeld gewerkt aan on-demand 3D-metaal printen in, het automatiseren en robotiseren van de productie van grote lichtgewicht constructies gebeurt in SAM|XL en een leven lang ontwikkelen in de Duurzaamheidsfabriek.

Tot wanneer kan ik een aanvraag indienen? 

In principe geldt op=op! De vouchers zijn nog beschikbaar.

Aanvraagprocedures

De vouchers worden bekostigd vanuit verschillende instanties met elk hun eigen procedures.
Hier vind je de benodigde informatie.

Toets op een laagdrempelige manier of jouw bedrijf in aanmerking komt voor een voucher en krijg hulp bij de aanvraag.

MELD JE AAN VOOR EEN ONLINE INTAKEGESPREK

Heb je een andere vraag?

Neem contact op met SMITZH

 

 

De Duurzaamheidsfabriek: ondernemen, innovatie en onderwijs op één locatie

Innovatie in jouw maakbedrijf heeft je prioriteit. Maar waar kun je kennis opdoen? In de Duurzaamheidsfabriek kun je testen, meten en samenwerken met studenten. Wanneer je – net als veel andere ondernemingen – hard werkt aan de toepassing van duurzame en slimme technologie en daarvoor wilt innoveren, loop je tegen een drempel aan: waar kan ik kennis vergaren en mijn innovaties testen? Het antwoord is te vinden in de Duurzaamheidsfabriek. Een campus waar je kunt testen, meten en kunt samenwerken met  bedrijven en onderwijsinstellingen.

Ben je benieuwd hoe jouw technische innovatie het doet als prototype? Een testlaboratorium is duur en zeker voor midden- en kleinbedrijf niet haalbaar als investering. In de Duurzaamheidfabriek kun je terecht om jouw innovatie op de testbank te leggen, samen met slimme techniekstudenten van het Da Vinci College voor MBO.

Met dit initiatief wil de Duurzaamheidsfabriek testing en prototyping van toegepaste technologische innovatie voor elke onderneming bereikbaar maken. Ook wordt zo de afstand tussen onderwijs en bedrijfsleven zo klein mogelijk gemaakt. De focus van de Duurzaamheidsfabriek ligt – logischerwijs – op Smart Industry en Industrie 4.0, waar de meest duurzame innovatie te vinden is. Voor deze Smart Industry en Industrie 4.0 richt de Duurzaamheidsfabriek zich op de technologische maakindustrie en, gezien de regio, op de maritieme sector.

Integratie met onderwijs

Naast een laagdrempelige testlocatie voor bedrijven biedt de Duurzaamheidsfabriek de studenten van het Da Vinci College de mogelijkheid om praktijkervaring op te doen met echte opdrachten die door bedrijven worden aangekaart. Wil je een prototype laten maken en testen? Dan kun je dit in de Duurzaamheidsfabriek samen met de studenten doen. Zij leren het werk van nabij kennen en jouw bedrijf krijgt er tastbare resultaten voor terug. De focus ligt daarbij op het praktisch toepassen van nieuwe kennis en het meenemen van de (toekomstige) gebruikers ervan.

Een van de grote voordelen van de samenwerking is dat er goed opgeleide en gemotiveerde medewerkers de arbeidsmarkt instromen. Bovendien merken bedrijven dat de Duurzaamheidsfabriek zorgt voor continue bijscholing van medewerkers door het aanbieden van opleidingen en hen direct bij projecten te betrekken. Ook blijkt dat het niveau van de studenten steeds beter aansluit bij de eisen van de technische beroepen.

Andere bedrijven ervaren dat door gebruik te maken van de Duurzaamheidsfabriek, de bekendheid toeneemt, en het daardoor minder lastig wordt om aan personeel te komen. Ook komt het regelmatig voor dat samenwerkingsprojecten met studenten leiden tot daadwerkelijke producten die hun weg naar de markt vinden.

Een niet onaanzienlijk aantal afgestudeerden blijkt zodanig gestimuleerd dat ze de kans grijpen om voor zichzelf te beginnen, en zo een nieuwe cyclus van onderneming, werkplekken en samenwerking met het onderwijs genereren.

Na het afstuderen stopt het leren niet. Het motto van de Duurzaamheidsfabriek is ‘werken, innoveren, leren’. Gedurende de loopbaan leren werknemers voortdurend bij, dankzij scholing en nieuwe samenwerkingen met studenten.

Fieldlab

De Duurzaamheidsfabriek is een van de SMITZH Fieldlabs in Zuid-Holland. Er zijn er in deze regio zeven: een in Den Haag, drie in Delft, twee in Rotterdam, plus de Duurzaamheidsfabriek in de Drechtsteden. Alle Fieldlabs hebben hetzelfde doel voor ogen: het bieden van een praktijkomgeving waarin bedrijven en kennisinstellingen samenwerken bij het ontwikkelen van innovatieve oplossingen, inclusief testen en implementeren.

Net als alle Fieldlabs en SMITZH is het doel om de bedrijven in de regio te helpen met slimmere bedrijfsprocessen, duurzaam en circulair produceren. En op deze manier te helpen de concurrentiepositie van jouw maakbedrijf te verbeteren.

Bijzonder aan de Duurzaamheidsfabriek is dat het echt de dynamiek heeft van een fabriek, met een laagdrempelige testfaciliteit voor toegepaste innovatie. Als bedrijf is er ook de mogelijkheid om je te vestigen en gebruik te maken van de vierde verdieping waar ontmoetingen plaatsvinden met andere bedrijven, studenten en docenten. Daardoor is er een breed spectrum aan kennis voorhanden, niet alleen op het gebied van Smart Industry, maar ook waardevolle kennis van elektrotechniek, lassen, meubelmaken en nog veel meer.

Gebruik de Duurzaamheidsfabriek!

Ben je benieuwd wat de Duurzaamheidsfabriek voor jou kan betekenen? Neem vooral zelf een kijkje op de website van de Duurzaamheidsfabriek. Of maak kennis met Managing Director van de Duurzaamheidsfabriek Daniël Wortel via dwortel@davinci.nl.

Hoe help ik mijn personeel leren en ontwikkelen in het digitale tijdperk?

Door digitalisering veranderen de eisen die maakbedrijven stellen aan hun personeel. Tegelijkertijd is het op deze krappe arbeidsmarkt belangrijk om vakkundige vakmensen vast te houden. Structurele aandacht voor leren en ontwikkelen is daarom cruciaal.

Personeel digitaal ontwikkelen

De mate waarin maakbedrijven te maken krijgen met ontwikkelingen op het gebied van Smart Industry verschilt. Zo zijn er verspanende bedrijven druk bezig met ontwikkelingen op het gebied van robotisering, terwijl het digitaliseringstempo in andersoortige maakbedrijven (bijvoorbeeld in constructie) vooralsnog een stuk lager ligt.

Hoe dan ook: op enig moment zal elk maakbedrijf te maken krijgen met digitalisering en/of robotisering. Ook voor je medewerkers heeft dat de nodige impact. Van een pure uitvoerder worden ze meer en meer een operator, die het gedigitaliseerde maakproces in goede banen moet leiden. Het programmeren en bedienen van een robot is een competentie die je zult moeten leren beheersen. Maar ook voor medewerkers in de werkvoorbereiding verandert er het nodige. Hun werk zal zich steeds meer afspelen op digitale platforms.

21st century skills: steeds belangrijker

Ook op het vlak van algemene ‘werkvaardigheden’ zien we tal van veranderingen. Veel maakbedrijven beleggen verantwoordelijkheden steeds lager in de organisatie en maken bovendien steeds meer werk van job rotation.

Daarmee zijn zogenoemde ‘21st century skills’ de afgelopen jaren in hoog tempo belangrijker geworden. Dan gaat het bijvoorbeeld over competenties als het goed kunnen samenwerken binnen (zelfsturende) teams, het kunnen geven en ontvangen van feedback, conflicthantering, creativiteit en probleemoplossend vermogen. Medewerkers zullen zich dit type soft skills eigen moeten maken, willen ze relevant blijven op de hedendaagse werkvloer.

Investeren in een leercultuur

Alle reden dus om te investeren in een goed doordachte strategie voor leren en ontwikkelen. Op die manier kun je je huidige personeel zo goed mogelijk behouden en investeren in hun (brede) inzetbaarheid. Bovendien kan een goed programma voor leren en ontwikkelen je net dat streepje voor geven op de arbeidsmarkt voor technisch personeel. Zeker jongere technici zien mogelijkheden voor opleiding en (persoonlijke) ontwikkeling als een belangrijke secundaire arbeidsvoorwaarde.

Wat zijn de belangrijkste elementen in zo’n leercultuur, als basis voor innovatie en bedrijfscontinuïteit?

Goed leiderschap als basis

Leren en ontwikkelen begint bij goed leiderschap. Van een traditionele manager die vooral top-down opereert, wordt de moderne manager steeds meer een coach die verantwoordelijkheden naar de werkvloer delegeert. Daarmee heeft de kwaliteit van de coachende leidinggevende ook zijn weerslag op de ontwikkeling van de individuele medewerker. Als het gesprek tussen leidinggevende en medewerker goed gevoerd wordt, met een vaste plek op de agenda voor ontwikkeling, komt dit de leercurve van de medewerker ten goede.

Nu blijft het gesprek over ontwikkeling vaak beperkt tot de jaarlijkse beoordelingscyclus. Daarbij ligt vervolgens vooral de nadruk op wat er niet goed ging. Door het gesprek meer toekomstgericht in te steken, met aandacht voor concrete ontwikkelkansen, creëer je een veilige leeromgeving en voorkom je dat de medewerker gedemotiveerd wordt.

Ook belangrijk: neem als leidinggevende eens wat vaker de tijd voor informele gesprekken over ontwikkeling, zonder dat er meteen een beoordelingsmoment bij komt kijken. Ga het gesprek aan en spreek je waardering uit voor medewerkers die werk maken van hun eigen ontwikkeling.

Bedrijfsopleidingsplan

Een goed handvat bij dit alles is een zogenoemd bedrijfsopleidingsplan. In zo’n plan vertaal je de koers en ambities van je bedrijf naar functiegerichte opleidingen en cursussen.

Het opstellen van zo’n plan begint met het formuleren van een stip op de horizon. Waar wil je als bedrijf naartoe? Welke kennis en competenties heb je nu al in huis om daar te komen? En: waar zitten nog ‘witte vlekken’? Door hier structureel en planmatig over na te denken, krijg je vanzelf meer zicht op de ontwikkelbehoefte onder je medewerkers. Dat biedt vervolgens een goede basis voor een concreet scholingsplan en een vruchtbare dialoog met werknemers over opleiding en ontwikkeling.

oZone: leren op de werkvloer

Informeel leren op de werkvloer neemt van oudsher een belangrijke plek in binnen de (maak)industrie. Om dit leren op de werkvloer te stimuleren, lanceerde OOM (het scholingsadviesbureau van de sociale partners in de metaalbewerking) onlangs de online leeromgeving oZone.

Dit laagdrempelige platform bevat kant-en-klare leercontent, met tal van instructiefilms, animaties, 360-gradentours, lessen, werkinstructies en opdrachten. De onderwerpen variëren van lassen, draaien en frezen tot meten, tekeninglezen en materiaalkennis. De modules uit de basisbibliotheek kun je eenvoudig aanpassen aan je eigen, bedrijfsspecifieke situatie. Ook kun je binnen oZone gemakkelijk eigen lesmodules ontwikkelen.

Daarmee biedt oZone tal van handvatten om het technische en digitale vakmanschap van je medewerkers te vergroten en om leren en kennisdeling binnen je organisatie te vergemakkelijken. Dat maakt oZone uitermate geschikt voor maakbedrijven die actief willen werken aan de leercultuur binnen hun organisatie.

Meer weten?

  • OOM biedt in 2021 alle aangesloten bedrijven aan om kosteloos gebruik te maken een ruime selectie e-learnings van het online leerplatform SkillsTown, specifiek gericht op het onderwerp digitale vaardigheden.
  • Er is veel (praktisch toepasbaar) onderzoek beschikbaar voor maakbedrijven die werk willen maken van een leercultuur. Zo biedt het rapport Werkplekleren in de techniek allerlei handvatten om leren op de werkplek te faciliteren.

Circulair ondernemen: 3 vernieuwende voorbeelden uit de maakindustrie

Onlangs is de Wegwijzer Circulaire Maakindustrie gelanceerd. Je kunt hiermee voorbeelden van circulair ondernemen in de maakindustrie inzien. Zo ontdek je hoe andere bedrijven circulariteit in hun bedrijfsvoering hebben geïntegreerd. We willen je daarmee helpen met ideeën om ook jouw bedrijf om te vormen tot een circulaire onderneming. In dit blog neem ik je mee langs een aantal ondernemingen die je voorgingen. Wat hebben zij gedaan en hoe ging dat in zijn werk?

Eerst een bemoedigende opmerking vooraf: veel bedrijven zijn al begonnen met circulariteit, en soms zonder het te weten. En dat kan zomaar ook voor jouw bedrijf gelden. Circulair ondernemen gaat vooral over materialen en grondstoffen: hoe kun je minder grondstoffen gebruiken voor jouw producten? Maar ook: hoe kun je grondstoffen hergebruiken en langer van nut laten zijn? Grote kans dat je nu al processen in je bedrijf hebt die circulair zijn. Dat is alvast een mooi begin.

Inventariseer jezelf

Een van de belangrijkste pijlers van circulariteit is het verlengen van de levensduur van producten. Elk bedrijf dat zich bezighoudt met onderhoud, reparatie of revisie is dus bezig met circulairiteit. Autoreparatiebedrijven bijvoorbeeld. Neem je dat als uitgangspunt, dan kun je circulair ondernemen verder uitbouwen.

Misschien heb je voor jouw producten al een reparatieservice of onderhoudscontract bij je klanten. De volgende stap zou kunnen zijn om te beginnen met een terugnameservice. Dat biedt jou de kans om de nog goede onderdelen uit een afgeschreven product in te passen in een nieuw product. Dit wordt refurbishment of remanufacturing genoemd.

Circulair ondernemen voorbeeld: Schelde Exotech

Schelde Exotech is een fabrikant van industriële (druk)apparatuur, vooral in (petro)chemie. Dit maakbedrijf doet niet meer alleen aan nieuw, maar richt zich ook op refurbishment en remanufacturing. Deze werkwijze is niet alleen goed voor duurzaamheid, maar refurbished apparatuur heeft ook nog eens een hogere marge.

Het circulair maken van je bedrijf gaat met kleine stappen. Kijk liever per stap wat er mogelijk is, in plaats van het schetsen van een utopisch vergezicht (en daarmee het doen van grote investeringen). Nog niet voor alle circulaire vraagstukken is een oplossing voorhanden of is de oplossing al economisch interessant. Toch zijn er al wel kleinschalige mogelijkheden, begin daar vooral. Intussen werkt je bedrijf aan een duurzamer imago. En natuurlijk zijn ook deze kleine stappen op den duur wel degelijk rendabel.

Belangrijk advies: doen in plaats van bedenken. Na de eerste voorzichtige stappen komen andere vormen van circulair ondernemen vanzelf in beeld.

Alle neuzen dezelfde kant op

Natuurlijk heb je voor jouw bedrijf een (meerjaren)strategie. Het is dan een goed idee om te kijken waar circulaire ideeën in deze strategie passen. Dan is het ook mogelijk om wat grotere stappen te maken. Dat betekent wel dat je meerdere afdelingen in je bedrijf bij de plannen moet betrekken.

Stel: je wilt je producten tot een een modulair, demontabel systeem omvormen waarmee je gemakkelijker onderdelen kunt uitwisselen en eventueel hergebruiken. Dit heeft gevolgen voor de hele productieketen, vanaf het allereerste ontwerp tot de laatste bout die erin gedraaid wordt.

Circulair ondernemen voorbeeld: Hydro – Pole Products

Dit bedrijf maakt, levert en installeert lichtmasten. Hydro – Pole Products is gestart met een take-back systeem waarbij oude lichtmasten een nieuw leven krijgen. Hierbij gaat het soms om 40 jaar oude masten die een facelift krijgen en weer tientallen jaren meekunnen. De productiekosten zijn lager dan van een nieuwe én de klant draagt bij aan de circulaire economie.

 

Nu wordt het menens: je wilt duurzaam concurrentievoordeel halen uit je circulaire ideeën. Een gesprek met je klanten kan nu heel verhelderend zijn. Wat zijn dan die voordelen?

  • Concurreren op prijs: zoals bij Schelde Exotech, door goedkoper te leveren dankzij refurbishment.
  • Prijs is gelijk aan die van de concurrentie, maar het product onderscheidt zich van de concurrentie: zoals bij Hydro, die van oude masten nieuwe maakt.
  • Circulaire producten met bijzonder design en lange levensduur met een premium prijs: zoals bij de kinderwagens van Bugaboo.
  • Concurrentievoordeel door het creëren van je eigen markt: zoals bij Aebi Schmidt, dat zijn businessmodel baseerde op servitization.

Circulair ondernemen voorbeeld: Aebi Schmidt

Aebi Schmidt is een fabrikant van strooimachines die voorheen alleen werden verkocht. De basis is nu dienstverlening in plaats van puur alleen verkoop. De strooimachines zijn modulair opgebouwd en kunnen gemakkelijk aan de wens van de klant worden aangepast. Gedurende de levensduur worden bij reparatie en onderhoud zoveel mogelijk refurbished en remanufactured onderdelen gebruikt. De levensduur is daardoor flink verlengd.

Verbeter de wereld én jezelf

Een betere wereld is belangrijk, maar het is niet altijd nodig om dat als eerste uitgangspunt te nemen voor een circulaire bedrijfsvoering. Soms komen de gelegenheden vanzelf voorbij, zoals met digitalisering. Dat geeft nieuwe mogelijkheden aan duurzame bedrijfsprocessen. Bijvoorbeeld met smart manufacturing, waardoor je autonome robots kunt inzetten. Of door de processen zelf te optimaliseren. Dan is de strategie dus wél leidend en is de circulariteit bijvangst, maar te interessant om te laten liggen.

Word wijzer met meer voorbeelden van circulair ondernemen

Wil je meer weten over wat bedrijven zoals dat van jou hebben gedaan om de slag te maken naar circulair ondernemen? Ga naar de Wegwijzer Circulaire Maakindustrie.

De Wegwijzer Circulaire Maakindustrie is ontwikkeld in SMITZH met financiering vanuit de Provincie Zuid-Holland en Ministerie EZK.

Data-gedreven oplossingen voor het maritieme mkb. Jouw mening telt!

Data wordt gezien als de nieuwe olie. Slim gebruik van data kan leiden tot meer omzet, kostenreductie maar ook tot efficiënter produceren. Welk bedrijf wil dat nu niet? Het klinkt aanlokkelijk, maar in de praktijk blijkt dat nog weinig bedrijven de waarde uit hun data weten te halen. Een onderzoek binnen het maritieme mkb moet meer inzicht geven in hoe mkb-bedrijven deze waarde uit hun data (kunnen) halen.

enquete maritieme mkb

De Gemeente Rotterdam onderzoekt daarom samen met haar partners hoe het mkb-bedrijven kan ondersteunen bij het nemen van de volgende stappen met data-gedreven oplossingen. Tijdens het Datawerf webinar op 18 februari jl. zijn de eerste plannen van een programma dat jou op weg kan helpen met data-gedreven business cases gepresenteerd.

Klik hier voor de link naar de vragenlijst

Reden van onderzoek

Voordat het programma van start gaat willen wij middels een vragenlijst en een reeks interviews achterhalen wat de belangrijkste behoeften en ook belemmeringen zijn in het werken met data binnen het maritieme mkb en haar toeleveranciers. Een eventueel subsidieprogramma kan hierdoor beter op jouw praktische vraagstukken inspelen.

Jouw mening is dus belangrijk!

  • Werk je voor een maritiem mkb-bedrijf?
  • Of voor een toeleverancier aan de maritieme industrie?
  • Is jouw organisatie gevestigd in de provincie Zuid-Holland?

Vul dan de vragenlijst in, het invullen kost slechts 8 minuten van jouw tijd en is anoniem.

Met de vragenlijst brengen wij in kaart welke behoeften er leven binnen het maritieme mkb en maken wij een inschatting van de volwassenheid van bedrijven in het werken met data. De vergelijking van bedrijven in de sector komt aan het einde van het onderzoek beschikbaar voor de deelnemers. Hiermee kun je zien hoe jouw bedrijf zich verhoudt ten opzichte van andere bedrijven in de sector en welke kansen er voor jou liggen om de volgende stap te zetten.

Ga naar de vragenlijst

Bij voldoende animo en aanknopingspunten is het plan om nog voor het einde van dit jaar te starten met een pilot. In de pilot worden er financiële middelen en onafhankelijke experts op het gebied van werken met data beschikbaar gesteld. Als de pilot een succes is start in 2022 vervolgens het volledige programma. Geef daarom aan of je op de hoogte wilt blijven van het subsidieprogramma. Samen maken we de volgende stap in het komen tot datagedreven oplossingen voor de maritieme industrie.

Deze vragenlijst is een initiatief van Gemeente Rotterdam in samenwerking met Maritime Delta, Innovation Quarter en NMT.