Servitization in de maakindustrie: betekenis en toepassing

Steeds meer maakbedrijven onderzoeken de mogelijkheden van servitization. Wat houdt dat nou precies in? En: wat kan zo’n op diensten gebaseerd verdienmodel jouw maakbedrijf opleveren?

Servitization: je hoort de term steeds vaker voorbijkomen. De betekenis van servitization is dat je niet langer je product centraal stelt, maar de behoefte van je klant. Je garandeert hem of haar een bepaalde output, met alles wat daar aan dienstverlening bij hoort.

Nu is zo’n op diensten gebaseerd verdienmodel niet per se nieuw. Denk maar aan de koffieautomaat op kantoor. Tegen een vast bedrag per maand of jaar krijg je die in bruikleen, terwijl de fabrikant zorgt voor onderhoud, reparatie én koffiebonen.

Digitalisering als drijvende kracht

Toch is er een belangrijke reden dat servitization in de maakindustrie volop in de belangstelling staat: digitalisering. De technologische mogelijkheden zijn de afgelopen jaren enorm toegenomen. Daardoor wordt het steeds beter mogelijk om je klant niet puur een product te verkopen, maar hem of haar volkomen te ontzorgen.

Reactief onderhoud

Maakbedrijven die hun verdienmodel succesvol weten om te vormen, doorlopen daarbij grotendeels hetzelfde groeipad. De eerste stap op weg naar volledige servitization is het toevoegen van reactieve installatie- en onderhoudsdiensten aan je product. Gaat de machine stuk? Dan stuur je een monteur langs die ervoor zorgt dat de machine snel weer up and running is. Ook lever je artikelen die het optimale gebruik van je product mogelijk maken, zoals bijvoorbeeld olie, smeermiddelen en mallen.

Maak je product slim

De volgende stap is vaak het ‘slim’ maken van je product. Zo wordt het binnen het Internet of Things (IoT) steeds makkelijker om – via geavanceerde sensortechnologie – realtime gegevens te verzamelen over het gebruik. Via toepassingen op het gebied van Artifical Intelligence (AI) kunnen die data vervolgens razendsnel worden geanalyseerd.

Zo ontstaan op het snijvlak van IoT, big data en AI allerlei interessante businessmogelijkheden. Bijvoorbeeld voor predictive maintenance, waarbij je als fabrikant steeds nauwkeuriger weet te voorspellen wanneer een bepaald onderdeel het waarschijnlijk gaat begeven. Door proactief onderhoud te plegen, voorkom je vervolgens kostbare downtime voor je klant. Ook kun je je klant gericht gaan adviseren over procesoptimalisatie. Waar kan het volgens de data efficiënter?

PaaS: focus op output

In een volgende fase bied je je Product-as-a-Service (Paas) aan. In deze fase verschuift de focus van het gebruik van het product naar de output ervan, met alles wat daar aan onderhoud en service bij hoort. Een fabrikant van bakkerijmachines verkoopt dus niet de machine zelf, maar geeft de bakker de garantie dat die een bepaald aantal broden kan bakken, tegen een bepaalde kwaliteitsstandaard. En rekent vervolgens af per geproduceerd brood.

Totaalbeleving rond je product

De ultieme betekenis van servitization gaat over de hele business. In de laatste servitization-fase tuig je rondom je PaaS-oplossing een volledige waardeketen op. Stel: je bent een producent van koffiemachines. In de laatste servitization-fase bied je de klant een totale ‘beleving’ rondom koffie, waarvan de machine en het onderhoud nog maar een klein onderdeel zijn. Als dienstverlener zorg je bijvoorbeeld ook voor bijpassende kopjes (met bedrijfslogo), voor passende verlichting en muziek in de koffiehoek en – tijdens bedrijfsevenementen – voor een medewerker die koffie en bijpassende hapjes serveert.

Wat levert servitization op?

Als je het goed aanpakt, levert servitization je een stabiele, voorspelbare bron van inkomsten op. Bovendien biedt servitization allerlei kansen om je businessmodel circulair te maken. Na afloop van de contractperiode neem je het product weer in om dit te refurbishen of te recyclen. Goed voor het milieu én voor je duurzaamheidspropositie richting je potentiële klanten.

Waar moet je op letten?

Maar let op: er komt veel kijken bij servitization. Zo zul je moeten nadenken over de financiering. Van directe inkomsten bij de verkoop van een product ga je immers naar een cashflow op de lange termijn. Ook krijg je te maken met andersoortige contracten. Als je klant bijvoorbeeld onverhoopt failliet gaat, hoe krijg je je product dan terug?

Verder is het verlenen van diensten iets anders dan het verkopen van een product. Dat vraagt vaak om andere vaardigheden van je medewerkers (denk maar aan soft skills als empathie en goed kunnen luisteren). Ook is er sprake van een aanzienlijk afbreukrisico; wat doet het met je reputatie als je als bedrijf niet waarmaakt wat je belooft?

Al met al zorgt servitization voor een vergaande paradigmaverschuiving. Maar als je erin slaagt je klant écht te doorgronden en te begrijpen, kom je vanzelf tot een product-service-system: een geïntegreerd aanbod van producten en bijbehorende diensten.

Community rondom servitization

In vervolg op het onderzoeksproject Get Smart (over Smart Industry) is de Hogeschool Rotterdam bezig met het opzetten van een community rondom servitization. Ideaal voor maakbedrijven die zich willen oriënteren op servitization en meer willen weten over de stappen naar een op diensten gebaseerd verdienmodel.

Op donderdag 22 april 2021 gaat het Platform Servitization van start met een informele kick-off. Tijdens deze bijeenkomst wordt een korte toelichting gegeven op het onderwerp. Daarnaast wordt onder de deelnemende bedrijven geïnventariseerd welke onderwerpen bijzondere belangstelling verdienen zodat daar in volgende bijeenkomsten gericht aandacht aan besteed kan worden. Jij kunt hierbij zijn! Laat je informeren over het onderwerp en bepaal of je lid wilt worden van de community. Je vindt hier meer info over de bijeenkomst en aanmelden.

Meer weten over deelname aan deze community? Neem dan vrijblijvend contact op met projectleider Koos Kerstholt via n.a.kerstholt@hr.nl.

 

Circulaire Wegwijzer gelanceerd

Als onderdeel van het SMITZH-programma hebben TNO en de Haagse Hogeschool in samenwerking met elkaar de ‘Wegwijzer Circulaire Maakindustrie’ ontwikkeld. Deze Wegwijzer geeft een overzicht van bedrijven in de maakindustrie die al kleine of grote stappen hebben gemaakt richting circulariteit. Circulariteit betekent niet alleen maatschappelijk verantwoord bezig zijn, het kan ook leiden tot kostenbesparingen, risicobeperkingen en meer klantwaarde. Deze wegwijzer is specifiek gericht op bedrijven uit de maakindustrie die willen weten wat circulariteit voor hen kan betekenen.

‘’De wereld om ons heen verandert. Het besef wordt steeds duidelijker dat de aarde uitgeput raakt”, aldus Bart Kaas, Energie Transitie Consultant bij TNO. Hij vervolgt: ”Door ervoor te zorgen dat wij de grondstoffen in onze producten maximaal gebruiken, dragen we bij aan het sterk verlagen van de impact van ons handelen op het milieu.’’ Met deze gedachte zijn TNO en de Haagse Hogeschool aan de slag gegaan met het ontwikkelen van een tool voor de ondernemer van de toekomst. Hierbij is alles gericht op hergebruik in alle mogelijke vormen.

Een onafhankelijk advies

De wegwijzer is een centrale en onafhankelijke plek die bedrijven op weg helpt bij hun zoektocht naar de rol van circulariteit in hun onderneming. Je kunt zelfstandig naar de website gaan en hier aangeven wat jij interessant vindt of waar jij meer over wil weten. De website verwijst door naar zowel lokale als nationale partners die jou helpen bij het zetten van de volgende stap. Je vindt er voorbeelden van andere bedrijven op basis van de voordelen waar jij naar op zoek bent. Navigeren door de wegwijzer doe je aan de hand van zoekcriteria die voor jou relevant zijn. Doorbladeren kan natuurlijk ook als je nog niet zo goed weet wat je wilt.

Voordelen Circulaire Wegwijzer

Circulariteit is dichterbij dan je denkt

Voor wie denkt dat circulair ondernemen alleen besteed is aan de grote multinationals van deze wereld, gaat een nieuwe wereld open. Het vereist geen grote investeringen of nieuwe strategieën om een betere wereld te creëren. Je kunt vaak al klein beginnen, door onderdelen van afgedankte producten opnieuw te gebruiken voor een vergelijkbaar product. Of gebruik het voor een totaal nieuw product met een andere functie. Creatief denken verruimt de mogelijkheden.

Onbewust zijn veel bedrijven binnen de maakindustrie al bezig met circulariteit. Het is geen concept wat in de verte ligt en het zetten van de volgende stap is makkelijker dan veel partijen denken. Er liggen kansen en de wegwijzer helpt bij het zetten van de volgende stappen naar meer circulariteit. 

Zelf aan de slag

Geïnteresseerd in wat de Wegwijzer voor jou kan betekenen? Bezoek deze dan hier. Komende maanden wordt de wegwijzer nog doorontwikkeld. Feedback wordt bijzonder op prijs gesteld en kun je hier direct doorgeven.

Dit is de ware potentie van robotlassen

Robotlassen inzetten voor een eenzijdig productieproces? Een lasrobot kan zoveel meer! Lasrobots bestaan al decennia. En heb je ze eenmaal in je bedrijfsprocessen geïntegreerd, dan kun je al snel niet meer zonder. Toch valt er nog veel te verbeteren als het gaat om het inzetten van robotlassen. Lees hier hoe je meer haalt uit je investering.

 

 

Lasrobots kennen we al sinds de jaren 1960, en in de jaren 1980 werden ze voor het eerst grootschalig ingezet in de automobielindustrie. Tegenwoordig is 20% van alle industrierobots voor lassen bedoeld. Op het eerste gezicht zou je zeggen dat dit een soort one-trick-ponies zijn, maar lasrobots zijn enorm veelzijdig, mits je ze op de juiste manier inzet. En, gek genoeg, omringd met de juiste mensen.

Optimaliseren van robotlassen

De complexiteit van lasrobots heeft vooral te maken met programmeren. Dit is met name van belang voor processen waarin snel geschakeld moet worden tussen het lassen van verschillende producten: high mix, low volume. Oftewel: kleine productieaantallen van hoogwaardige producten. Voor elk nieuw project moet de robot opnieuw geprogrammeerd worden.

Je zou denken dat het aanschaffen van lasrobots de inzet van mensen minder maakt, maar dat is maar ten dele waar. Je hebt minder lassers nodig, maar programmeurs met kennis van het lasproces des te meer. Zorg dat je voldoende kennis in huis hebt van wat een lasrobot kan. Maar ook kennis van wat een lasrobot niet kan.

Daarom is het belangrijk dat ook de programmeurs de ins en outs weten van de producten die moeten worden geproduceerd. Zo kunnen zij in een vroeg stadium worden aangehaakt bij het ontwerp van het product om het product lasrobot-proof te laten ontwerpen. Alleen dan kunnen de robots goed worden ingezet in het productieproces. Denk aan rekening houden met bepaalde hoeken in het product, zodat de robot ook daadwerkelijk overal bij kan om te lassen. Dat moet dus al in het ontwerp zitten, net als de lasmal en de tooling.

Ambassadeurs van robotlassen

Je kunt het ontwerpproces natuurlijk ook uitbesteden. Hou er dan rekening mee dat je als onderneming minder flexibel bent in het aanpassen van een ontwerp. Zeker als er certificering mee gemoeid is (bijvoorbeeld in de luchtvaartindustrie). Een ontwerp loopt dan via de externe partij. Het kan dus lonen om de benodigde kennis zelf in huis te hebben.

De flexibiliteit van de moderne lasrobot is sowieso een belangrijke voorwaarde om de investering te rechtvaardigen. Kijk of je de lasrobot voor verschillende bedrijfsprocessen kunt inzetten. Bijvoorbeeld om te lassen in combinatie met snijden of slijpen.

Voor de flexibiliteit is het nodig om ‘ambassadeurs’ in je bedrijf te hebben die de lasrobot kunnen promoten. Wordt er een nieuw product ontworpen, dan moeten die ambassadeurs betrokken worden om te kijken waar het proces efficiënt kan worden ingericht door de inzet van de lasrobot.

Vaak beschikken bedrijven over een of twee mensen waar alle (programmeer)kennis is gebundeld. Beter is om te zorgen voor een wat ruimer team dat voortdurend bijgeschoold wordt. Wees trouwens niet bang om ook extern advies in te winnen.

Innovaties met lasrobots

Lasrobots en lastechnieken worden steeds slimmer. Deze trends zijn al volop gaande en optimaliseren het gebruik van de lasrobot nog meer:

  • Real-time production monitoring – kwaliteitscontrole tijdens het productieproces door sensoren die het proces bewaken. Daardoor hoef je na afloop niet aan de hand van een checklist de kwaliteit na te lopen.
  • Adaptive welding – sensoren volgen onder meer de lasnaad en corrigeren waar nodig.
  • Machine vision – 2D- en 3D-camera’s worden de ‘ogen’ van je robot en aan de hand van de scan wordt je robot geprogrammeerd. Een belangrijke component daarin is machine learning.
  • Wire Arc Additive Manufacturing – 3D-print techniek voor metaal. WAAM is wat je noemt ‘cutting edge’ op dit moment.

Ook innovatieve lasrobots in jouw bedrijf inzetten?

Met een haalbaarheidsonderzoek van SMITZH kun je erachter komen wat een bepaalde Smart Manufacturing technologie voor jou kan betekenen. We hebben nu vouchers beschikbaar waarmee we 50% van de kosten van het haalbaarheidsonderzoek dekken. Hier lees je er alles over.

Nieuwe opleiding Smart Technology

Waar vind je de toekomstige werknemers van de maakindustrie? Die rollen binnenkort van de lopende band bij Hogeschool Rotterdam. Bedenkers van geautomatiseerde systemen, robot toepassingen of PLC-systemen. In september start de opleiding AD Smart Technology aan Hogeschool Rotterdam. Een toekomstbestendige opleiding die de vakgebieden werktuigbouwkunde, elektrotechniek en ICT met elkaar integreert. Bij het vormen van de opleiding zijn bedrijven uit onze regio waaronder Boers & CO betrokken geweest.

 

opleiding smart industry

Het eerste jaar van de opleiding is gericht op het leren ontwerpen en realiseren van smart products met behulp van smart technology. Tijdens het tweede jaar wordt de focus gelegd op de vier toepassingsgebieden: Smart Manufacturing, AgriTech, Smart Logistics en MedTech. Als afgestudeerde van de AD Smart Technology ben je dan ook gelijk van waarde voor je bedrijf.

De opleiding betreft een Associate Degree. Dit houdt in dat de studie twee jaar duurt in het hbo. Het niveau ligt tussen mbo-4 en een hbo-Bachelor. Met de optie om het in deeltijd te volgen is het ideaal voor mbo-4 studenten of personeel binnen de maakindustrie dat zich verder wil professionaliseren in de industriële automatisering.

De komende tijd biedt Hogeschool Rotterdam een aantal webinars aan waarin zij extra informatie over de opleiding geven. De eerstvolgende vindt plaats op 22 maart van 19.00 tot 20.00 uur.

Meld je aan via deze link: http://bit.ly/2OdwuKb.

Daarnaast zijn er ook nog een aantal Live Q&A’s op de Instagram van Hogeschool Rotterdam. Daarvan is de eerstvolgende op 9 maart van 19.00 tot 19.30 uur. Voor meer informatie over de webinars en Q&A’s, klik op de link: http://bit.ly/3kSE3SE.

Dit zijn de Smart Industry trends voor 2021

De ontwikkelingen op het gebied van Smart Industry gaan sneller dan ooit. Welke Smart Industry trends spelen nu een rol? En waar moet je als maakbedrijf op letten als je werk wil maken van digitale transformatie? In deze blog bespreekt Marije Bakker, Smart Industry-adviseur bij FME, de belangrijkste trends voor dit jaar.

Stel je een fabriek voor waarin alle productieprocessen voortdurend worden geoptimaliseerd aan de hand van big data in combinatie met artificial intelligence (AI). Voorstellen voor procesoptimalisatie worden eerst virtueel ‘getest’ in een digital twin (een digitale simulatie van het productieproces) en robots hebben het zware, repeterende productie- en assemblagewerk overgenomen. Intussen vervaardigt een 3D-metaalprinter prototypes, maar ook losse componenten voor reparatie- en onderhoudswerkzaamheden. Deze onderhoudswerkzaamheden worden sneller en proactiever uitgevoerd door de groeiende mogelijkheden voor predictive maintenance, waarbij de onderhoudsbehoefte nauwkeurig voorspeld kan worden. Dit gebeurt met behulp van geavanceerde sensortechnologie, het Internet of Things (IoT) en kunstmatige intelligentie. Toekomstmuziek?

 

Marije Bakker

Marije Bakker – Smart Industry-adviseur bij FME

Zeker niet. Veel van deze technologische mogelijkheden zijn al realiteit en worden geschaard onder het begrip ‘Smart Industry’. Deze overkoepelende noemer, waarmee eigenlijk alle ontwikkelingen op het gebied van digitalisering en automatisering worden bedoeld, is echter een enorm containerbegrip. Dat maakt het voor veel ondernemers in de maakindustrie lastig om het thema voldoende tastbaar te maken. Waar te beginnen met Smart Industry? En: wat werkt voor míjn maakbedrijf?

Bovendien gaat het om flinke, meerjarige investeringen, waarvan de concrete opbrengsten niet altijd meteen duidelijk zijn. Dat zorgt bij veel maakbedrijven voor de nodige koudwatervrees.

Toch is het verstandig om de mogelijkheden op het gebied van Smart Industry te onderzoeken, wil je de slag om de klant niet verliezen. Wat zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen op dit vlak? En waar moet je als maakbedrijf op letten als je met Smart Industry aan de slag wil?

Datagedreven werken

Voor automatisering geldt: garbage in is garbage out. Oftewel: de basis waarop je wilt gaan digitaliseren en automatiseren moet in orde zijn. Elk initiatief op het gebied van Smart Industry begint daarom met het verzamelen en analyseren van data. Wat gebeurt er binnen een bepaald proces of in een bepaalde machine? Welke stappen kun je onderscheiden? Waar is er sprake van verspilling en inefficiëntie?

Door al deze informatie uit (ERP-)systemen, sensoren en mensen slim te combineren met vakkennis en daar een analyse op te doen, krijg je helder zicht op het hele proces; van klantorder tot uitlevering. Dit inzicht kan vervolgens dienen als basis voor automatisering. Waar kan het proces anders of efficiënter? En hoe kan technologie daar eventueel bij ondersteunen?

Nieuwe technologieën, nieuwe mogelijkheden

Van robotisering en 3D-printing tot blockchain en digital twinning: het aantal technologische innovaties is de laatste jaren enorm gegroeid. Om te bepalen welke oplossing het best past bij jouw bedrijf, is het zoals gezegd belangrijk dat je eerst goed inzicht vergaart in je processen. Je kunt via SMITZH gratis een oriëntatieworkshop doen als je wilt weten hoe een technologie past binnen jouw processen en uitdagingen. Verder: lees kranten en vakbladen, bezoek evenementen/webinars, en steek je licht eens op bij hogescholen en universiteiten die onderzoek doen op dit vlak. Zo blijf je goed op de hoogte van actuele ontwikkelingen op het gebied van Smart Industry.

Ook verstandig: ga eens kijken bij een bedrijf dat al wat verder is op het gebied van Smart Industry. Laat je inspireren en leer van elkaar! Als SMITZH helpen we je graag aan contacten om eens te ‘gluren bij de buren’.

Omarm het experiment

Heb je een wat meer vastomlijnd idee van hoe je digitalisering kunt toepassen binnen je bedrijf? Veel maakbedrijven maken de fout om te groot te willen beginnen. Dat werkt vaak verlammend. Verstandiger is het om te beginnen met een kleinschalig experiment. Zo krijg je beter zicht op het doel dat je wilt bereiken en hoe technologie je daarbij het beste kan helpen. Ook krijg je dan meer zicht op de technische en economische haalbaarheid van de oplossing die je voor ogen had. Opschalen kan altijd nog. Via dit voucher kun je tot 50% gefinancierd krijgen van een haalbaarheidsonderzoek. We helpen  je graag bij het vinden van de juiste partner om het onderzoek samen mee te doen. Ben je al iets verder en wil je juist een slimme maaktechnologie doorontwikkelen of in de praktijk toetsen hoe je een technologie binnen jouw bedrijf kunt toepassen? Dan is ook daar een mooi voucher voor beschikbaar waarmee je tot 35% gefinancierd kunt krijgen van je innovatieproject tot een maximum van € 30.000,-.

Vergeet je medewerkers niet

Culture eats strategy for breakfast. Je kunt nog zo’n doordachte Smart Industry-strategie uitdokteren, als je je medewerkers hierin niet voldoende meeneemt is elke vernieuwing gedoemd te mislukken. Vaak verandert hun rol; van pure vakman of -vrouw worden ze bijvoorbeeld een procesoperator, die het gedigitaliseerde proces in goede banen leidt. Smart industry begint dus niet alleen in de directiekamer, maar juist ook op de werkvloer. Als je medewerkers van meet af aan meeneemt in het transformatieproces, zal het beoogde einddoel makkelijker en sneller behaald worden.

Smart Industry ook om andere vaardigheden; niet alleen op technisch vlak, maar ook soft skills als het werken in (zelfsturende) teams en probleemoplossend vermogen. Het is dus belangrijk dat de mensen in je bedrijf zich op deze vlakken blijven ontwikkelen. Vanuit SMITZH vertellen we je graag welke platforms er zijn om je medewerkers te trainen of waar  je zelf trainingen op aan kunt bieden. De fieldlabs en bijvoorbeeld het opleidingsaanbod vanuit RoboAcademy zijn bij uitstek geschikt om medewerkers met de nieuwste technieken en faciliteiten kennis te laten maken, zonder daar zelf in te hoeven investeren.

Zelf de eerste stap zetten met Smart Industry?

Wil jij aan de slag, maar weet je nog niet precies hoe? Neem dan vrijblijvend contact op met Marije. Zij kan samen met jou in een vrijblijvend kennismakingsgesprek op onderzoek gaan naar kansen en mogelijkheden voor jouw maakbedrijf. Ook is zij op de hoogte van de vele ondersteunings- en financieringsmogelijkheden die bestaan voor bedrijven die aan de slag willen met Smart Industry. Bekijk op deze pagina het totale aanbod van SMITZH als je eerst zelf nog een beter beeld wilt krijgen van de mogelijkheden.

Vier aanbevelingen voor internationaal ondernemen in de maakindustrie

De zaken gaan goed: met een mooi, innovatief product heb je in Nederland een trouwe klantenkring weten op te bouwen. Steeds vaker denk je nu na over die volgende stap: ondernemen in het buitenland. Maar let op: ondernemen over de grens is niet iets dat je ‘zomaar’ even doet. Waar moet je op letten als je internationaal je vleugels wil uitslaan? In deze blog krijg jij vier aanbevelingen voor een rendabele export.

De internationale ambities van Nederlandse maakbedrijven zijn – ondanks de coronacrisis – onverminderd hoog. Wel zoeken maakbedrijven het weer wat dichter bij huis: lag de focus lange tijd vooral op Azië, tegenwoordig staat ook export naar landen als Duitsland, Frankrijk en België weer volop in de belangstelling. Een goede voorbereiding is cruciaal, wil je een succes maken van je internationale ambities. Wat zijn nu de belangrijkste aanbevelingen in de voorbereiding voor succesvolle export?

Marit Kuypers

Marit Kuypers – Sr. Projectmanager Internationalisering InnovationQuarter

Aanbeveling 1: Ken je markt

Natuurlijk: als ondernemer voel je aan of er ergens kansen liggen. Toch is het niet verstandig om af te gaan op je intuïtie alléén. Succesvol internationaal ondernemen begint daarom met een gedegen marktonderzoek en een concurrentieanalyse. Zitten je beoogde klanten ook écht te wachten op jouw product? Waarin onderscheid je je nu eigenlijk van andere aanbieders? En: hoeveel concurrenten zijn er überhaupt al actief op de door jou beoogde markt?

Veel ondernemers vinden het lastig om deze en andere vragen zelf objectief te beantwoorden. Een idee kan zijn om hier een stagiaire met een ‘frisse blik’ op te zetten. Ook kun je gebruikmaken van de mogelijkheden binnen de subsidieregeling Starters International Business (SIB): voor bedrijven die de stap willen maken naar het buitenland.

Nog een tip: bel eens met een paar bestaande klanten en vraag ze waarom ze nou juist met jou zaken doen. Dat levert vaak een goed beeld op van waar je goed in bent. Informatie die je vervolgens uitstekend kunt gebruiken als je internationaal verder wilt groeien.

En: kijk ook nog eens kritisch naar je bestaande afzetmarkten. Misschien kun je – zeker als het je vooral te doen is om omzetgroei – eerst proberen om dáár je marktaandeel te vergroten.

Aanbeveling 2: Verdiep je in culturele aspecten

De meeste Nederlandse ondernemers snappen dat zakendoen met China anders is dan zakendoen met een klant ‘om de hoek’. Maar let op: ook tussen Nederland en nabije landen als Duitsland, Frankrijk en België bestaan vaak grote culturele verschillen. Bijvoorbeeld als het gaat om onderhandelen en communiceren. Zo wordt de Nederlandse directheid zeker niet overal gewaardeerd.

Verdiep je daarom vooraf goed in de verschillen. Want ‘fouten’ op dit vlak kunnen net het verschil maken tussen een geslaagde en een afgeketste deal. Let op: maak niet de fout om alleen jezelf of je salesmensen een training interculturele communicatie te laten volgen. Want zodra je internationale prospect eenmaal een klant is geworden, is het wel zo handig wanneer ook de binnendienst goed op de hoogte is van culturele verschillen.

Aanbeveling 3: Denk goed na over levering en betaling

Heb je voldoende in kaart in hoeverre je beoogde buitenlandse markt kansrijk is? En ben je goed op de hoogte van de lokale culturele normen? Dan ben je er nog niet. In een goed doordacht exportplan krijgen ook levering en betaling een plek. Ga je werken met een distributeur of agent, of met een eigen vertegenwoordiger of verkoopkantoor? Hoe ga je je logistiek (en de transportverzekering) regelen? En: welke betalingscondities ga je hanteren? Goede (juridische) afspraken rondom zaken als levering en betaling maken onlosmakelijk deel uit van een geslaagde gang naar het buitenland.

Aanbeveling 4: Maak gebruik van ondersteuning

Een goede voorbereiding is, zeker bij export, het halve werk. Gelukkig is er in Nederland enorm veel expertise en advies voorhanden. En voor een aanzienlijk deel voor jou ook nog eens (bijna) gratis.

Verder zijn er veel private partijen waar je terecht kunt voor trainingen en cursussen, bijvoorbeeld over juridische aspecten en interculturele communicatie. Investeren in je eigen kennis en die van je medewerkers loont altijd als je serieus over de grens aan de slag wil.

Meer weten over internationaal ondernemen?

Loop je rond met plannen om met jouw maakbedrijf internationaal te ondernemen en wil je een keer vrijblijvend sparren? Neem dan gerust contact op met Marit via marit.kuypers@innovationquarter.nl.

 

 

Doe mee aan de pilot van De Datawerf!

Kosten reduceren en nieuwe omzet genereren met data. Een aantrekkelijk verhaal, maar hoe doe je dit? Op 18 februari organiseerden InnovationQuarter, NMT, Gemeente Rotterdam en Maritime Delta samen een webinar over het groeiend belang van datagedreven werken voor de maritieme sector. Maritieme mkb-bedrijven uit Zuid-Holland met ambities in datagedreven werken kunnen ondersteuning krijgen vanuit de pilot De Datawerf. Maak nu je interesse kenbaar.

 

Jaap Kouwenhoven (Oceanco), Roy de Winter (C-Job) en Tanaka Moyo (IHC IQIP) bespraken samen met Tim Franken (InnovationQuarter) over hun drijfveren om datagedreven te gaan werken. Zij zoomden in op waarom datagedreven werken de toekomst is, wat de voordelen zijn en hoe ze samen met hun klanten werken op dit gebied. Benieuwd naar hun visie en ervaringen?

Bekijk hier de video van Ideecafé Digitalisering.

Zelf aan de slag in de ‘De Datawerf’

Ben of ken jij maritieme mkb-bedrijven uit Zuid-Holland met ambities in datagedreven werken en heb je behoefte aan ondersteuning? Meld je dan via deze survey aan als geïnteresseerde voor De Datawerf.

Wat wil De Datawerf bieden?

  • De mogelijkheid om een ‘data maturity’ assessment te doen: waar staat mijn organisatie?
  • Advies van onafhankelijke experts op je implementatieplan en business case
  • Een financiële impuls voor de beste voorstellen (max 50% subsidie)

Wanneer start De Datawerf?

Pilotprogramma vanaf Q3 2021 (onder voorbehoud)

 

Vervolg ActieAgenda Technologische Industrie

Begin februari kwamen 240 mensen digitaal bijeen om de ActieAgenda voor de Technologische Industrie te bespreken. Op de agenda staan: nieuwe productketens, digitaal verbinden, talent aantrekken/ vasthouden en netwerk versterken. Met name techniekpromotie, leven lang ontwikkelen en samenwerking in en tussen hotspots kregen unanieme support. Nu is de uitdaging de ActieAgenda verder uit te werken. Wil jij daaraan bijdragen? Dan kan je hieronder zien hoe.

Het volledige verslag van de bijeenkomst is hier te lezen.

Actielijn 1: Nieuwe Productketens

Voor alle vier geselecteerde productketens is voldoende support. Oproep vanuit de aanwezigen is om aspecten als dataverwerking, kruisbestuiving tussen sectoren en circulariteit goed mee te nemen en dus de actielijn over robotica te verbreden naar andere sectoren. Wil jij actief bijdragen aan één van deze thema’s? Dan kan je je aanmelden bij:

–    Technologie voor de waterstofeconomie: Anton Duisterwinkel.

–    Lasersatelliet-communicatie: Anton Duisterwinkel.

–    Robotica (van kas tot klant): Anton Duisterwinkel.

–    3D-printing: Onno Ponfoort.

Actielijn 2: Digitaal verbinden

Het belang van digitaal verbinden is onderschreven en een deel van de aanwezigen ziet daarin voor zichzelf een rol. Wil je actief bijdragen of meer weten? Dan kan je je aanmelden bij:

–    ‘Tracking and tracing’, kwaliteit in de keten of jouw eigen use-cases: Jacqueline Schardijn.

–    Introductie in Smart Connected Factory, klik hier voor een eerste stap in Digitaal Verbinden.

Actielijn 3: Talent aantrekken en vasthouden en Actielijn 4 Netwerk versterken

Deze actielijnen worden massaal onderschreven. De hotspots voor de Technologische Industrie kunnen daarin een belangrijke rol spelen. Op dit moment doen negen hotspots mee. Hieronder een kort overzicht van de contactgegevens:

– NL Space Campus, Noordwijk: Esther Peters.

– UnmannedValley, Katwijk: Theo de Vries.

– Technology Park Ypenburg: Stephen Hands.

– RoboValley/FRAIM, Delft: Jaimy Siebel.

– Quantum Campus, Delft: Wilbert Hoondert.

– MICS, Schiedam: Anske Plante.

– MakersDistrict Rotterdam: Jouke Goslinga.

– HI Campus, Dordrecht: Daan Wortel.

– Innovatie Hotspot Zuid-Holland Oost: Ineke de Graaf.

Vervolg

De EBZ, InnovationQuarter en HI hebben het initiatief genomen voor deze actieagenda en daarvoor een taskforce opgericht. De vele suggesties zullen worden verwerkt in de definitieve tekst voor de ActieAgenda. Die leggen we dan daarna voor aan de deelnemers ter ondertekening. In de tussentijd gaan we met een aantal zaken al aan de slag. Denk aan groeifondsvoorstellen voor Additive Manufacturing en High Tech Equipment rondom alle Nieuwe Productketens. We ontwikkelen het netwerk van hotspots verder en gaan kwartiermakers aanstellen op techniekpromotie en zij-instromers. Voor al deze acties hebben we immers meer dan voldoende instemming.

Je kunt daaraan eenvoudig bijdragen. Als je het imago en het onderlinge netwerk van de Technologische Industrie in Zuid-Holland wil versterken, dan is een eerste stap: wordt partner van HI klik hier voor meer info.

 

 

Eerste klant voor Wire Arc Additive Manufacturing cel RAMLAB en Valk Welding

Fieldlab RAMLAB is sinds 2016 bezig om de doorontwikkeling en toepassing van 3D-metaalprinten te stimuleren. Er wordt gebruikt gemaakt van lasrobots van Valk Welding waarmee je 3D metaal kunt printen. Zo’n lasrobot is voor veel bedrijven een risicovolle en grote investering. Je weet vooraf immers niet zeker of de materiaaleigenschappen en vormen behaald kunnen worden met de technologie. In het fieldlab kunnen bedrijven daarom samen met specialisten eerst onderzoek en ervaring opdoen voordat ze overgaan tot aanschaf. Inmiddels is de eerste klant voor de WAAM-cel, mede door diverse SMITZH-innovatieprojecten, een feit. Vallourec, een grote multinational uit de olie- en gasindustrie, heeft een maatwerk lasrobot met bijbehorende software gekocht.

Additive Manufacturing

RAMLAB werkt de laatste jaren succesvol aan de doorontwikkeling en toepasbaarheid van 3D-metaalprinten. De techniek die gebruikt wordt, heet Wire Arc Additive Manufacturing (WAAM). Met een lasrobot wordt door laag voor laag op elkaar te lassen een vorm geprint. Vaak gaat het om producten in kleine series of zelfs enkelstuks. Denk bijvoorbeeld aan een scheepsschroef of een mal die gerepareerd wordt. 

In een eerder SMITZH-project legde RAMLAB al de basis voor de optimalisatie van de materiaaleigenschappen en onderdelen met behulp van monitoring en control. In het laatst afgeronde project, wist het fieldlab te bewijzen dat met de juiste sensoren, camera’s en software het 3D-printproces volledig geautomatiseerd en foutloos kan verlopen. Voor de toepassing bij Vallourec werden aan de lasrobot een 3D-scanner en temperatuursensor toegevoegd. 

Vincent Wegener van RAMLAB: “Met MaxQ, ons nieuwe monitoring en control systeem, kunnen we de lasrobot 24/7 autonoom productie laten draaien. Afgelopen zomer hebben we net zo lang getest totdat alle bugs er uit waren en we controle hadden over de kwaliteit. Hiermee kan Vallourec nu volledig geautomatiseerd productie draaien op hun locatie in Singapore.”

 

Verschillende vormen en materialen

De grote uitdaging bij het 3D-metaalprinten in kleine series is dat je eigenlijk voor ieder product opnieuw moet vaststellen of de vorm haalbaar is en welke materialen geschikt zijn. Vallourec verkoopt productonderdelen voor het transport van olie en gas. Die onderdelen moeten tegen een hoge druk kunnen. Dus dat vraagt veel testen vooraf. 

Jonathan Moulin van Vallourec: “We hebben de meest voorkomende componenten geredesigned voor 3D-printing en vastgelegd in een digital warehouse, van waaruit alle productievestigingen wereldwijd de gewenste bestanden kunnen downloaden.” 

RAMLAB verwerkt al het onderzoek in een materialendatabase met gegevens over materiaalsoorten, eigenschappen en het effect wanneer je bepaalde materialen met elkaar combineert. Het is daarmee voor bedrijven kostenefficiënter om gebruik te maken van de expertise en faciliteiten die bij RAMLAB beschikbaar zijn, dan al dat onderzoek zelf te doen. 

Unieke positie in de wereld

Vallourec is een grote multinational. De lasrobot met het MaxQ systeem van RAMLAB zal een plek krijgen in Singapore. Dat een partij als Vallourec onze regio opzoekt om tot een gecertificeerd 3D geprint onderdeel te komen, hangt samen met de unieke expertise waarover fieldlab RAMLAB beschikt. RAMLAB is het eerste Europese fieldlab dat heeft bewezen volumineuze onderdelen voor industriële toepassingen met WAAM-technologie te kunnen printen. RAMLAB wil dat het voor alle (mkb-)productielocaties in de wereld mogelijk wordt om on demand industriële componenten te printen.

Jonathan Moulin van Vallourec: “In de hele value chain kost iedere schakel geld en tijd. Bovendien bestaat het risico dat producten niet uit voorraad leverbaar zijn. Printen op locatie met de door RAMLAB en Valk Welding geoptimaliseerde WAAM-technologie biedt daarvoor de oplossing.” 

Vincent Wegener van RAMLAB: “Het MaxQ systeem is volledig geïntegreerd in de cel van Valk Welding. Juist in die samenwerking zit onze kracht en daarmee zijn we uniek in Europa..”

Meer weten?

Wil jij ook ondersteuning vanuit SMITZH bij de ontwikkeling of toepassing van een nieuwe technologie? Kijk dan eens hier naar de mogelijkheden. Wil je meer weten over de ontwikkeling en toepassing van Additive Manufacturing? Neem dan direct contact op met Vincent Wegener van RAMLAB.

Innoveren met flexible manufacturing: Hoe Heineken razendsnelle robots inzet aan lopende band

Met productielocaties in meer dan 70 landen is Heineken een van de grootste bierproducenten ter wereld. Van kleine brouwerijen tot mega-breweries: overal worden de logistieke en productieprocessen complexer en de machines geavanceerder. ‘We worden steeds meer een hightechbedrijf en trekken veel technische arbeidskrachten aan’, zegt Dennis van der Plas, Global Lead Packaging Lines bij Heineken. ‘Die houd je niet tevreden met repeterend werk, zoals omgevallen flesjes van de lopende band rapen.’ De biermultinational zoekt daarom naar robotica-oplossingen om het werk in de brouwerijen aantrekkelijker en veiliger te maken en bovendien de flexibiliteit van de organisatie te vergroten. Binnen innovatieprogramma SMITZH ontwikkelen Heineken en fieldlab RoboHouse, met ondersteuning van TNO, zo’n oplossing op basis van flexible manufacturing: geautomatiseerd omgaan met onverwachte situaties.

Shobhit Yadav van TNO vindt flexible manufacturing een van de belangrijkste ontwikkelingen binnen de smart industry. ‘Maakbedrijven leveren tegenwoordig voornamelijk gespecialiseerde producten, omdat de klant daarom vraagt. Als fabrikant moet je dus veel verschillende producten kunnen maken. Dat kan óf met een groot aantal productielijnen, óf met een klein aantal productielijnen die flexibel genoeg zijn om aan te passen.’ De vraag van Heineken ligt in het verlengde daarvan: een robot die verschillende soorten omgevallen bierflesjes op de lopende band herkent en ze oppakt terwijl de band blijft bewegen. Shobhit: ‘De omgeving verandert constant en daar moet de robot meteen op reageren. Een typisch voorbeeld van een flexibele productielijn, die zich automatisch aanpast aan de situatie.’

 

Robotica voor een prettige en veilige werkomgeving

Robots zijn natuurlijk niets nieuws. Dennis: ‘De automotive-industrie werkt met robots die hele auto’s in elkaar lassen en onze industrie met robots voor palletizing, waarbij producten automatisch op een pallet worden gestapeld. Maar bij dit project benaderen we het thema vanuit een andere invalshoek: niet vanuit de vraag welke robots er op de markt zijn en hoe je die kunt inzetten, maar vanuit de wensen en behoeften van de mensen in de brouwerijen, de operators die de machines bedienen en onderhouden. En hoe robots hen kunnen ondersteunen in hun werk.’

De oplossing moet namelijk niet alleen zorgen voor procesoptimalisatie, maar vooral voor meer veiligheid en voldoening op de werkvloer. En dus voor goed werkgeverschap. Dennis en zijn collega Wessel Reurslag, Global Lead Packaging Engineering & Robotics, vroegen daarom aan de operators wat zij nodig hebben om hun werk uitdagender en veiliger te maken. Een van de usecases die daaruit naar voren kwam, was het oprapen van omgevallen bierflesjes op de lopende band: repeterend, maar ook onveilig werk, aangezien het glas nog weleens breekt.

”Het lab is dé place to meet voor iedereen die bezig is met robotica. En bovendien gelinkt aan SMITZH en dus aan TNO.”

– Wessel Reurslag

Global Lead Packaging Engineering & Robotics, Heineken

Experimenteren zonder businesscase

Via een sponsortraject tussen Heineken en X!Delft, aanjager van innovaties en de schakel tussen het bedrijfsleven en de TU Delft, kwam het biermerk in contact met fieldlab RoboHouse. Wessel: ‘Het lab is dé place to meet voor iedereen die bezig is met robotica. En bovendien gelinkt aan SMITZH en dus aan TNO.’ Al snel bleek dat de ambities van de partijen overlapten: Heineken wilde een onafhankelijk advies, TNO en RoboHouse een praktijkstudie die vroeg om een oplossing in flexible manufacturing. ‘Het ontstaan van zo’n samenwerkingsverband is voor alle partijen heel waardevol’, zegt Shobhit. ‘Dankzij SMITZH werken we bij TNO met actuele uitdagingen binnen de industrie en doen we waardevolle contacten op. Daardoor krijgen onze onderzoeken meer relevantie. Andersom hebben maakbedrijven een plek waar ze heen kunnen met vragen en problemen op het gebied van slimme technologieën.’

De mannen van Heineken roemen de vernieuwende manier van werken met TNO en een fieldlab. Dennis: ‘Het mooie is dat alle partners binnen het project meedoen om er iets van te leren. Bij RoboHouse hebben we de beschikking over de expertise van robotengineers en over state-of-the-arttechnologieën zoals robotarmen. We hebben zelf de transportband geleverd. TNO brengt daar een stuk kennis bij en dat samen zorgt voor een laagdrempelige manier van onderzoeken en experimenteren. Met een businesscase zou je dat nooit zo makkelijk kunnen doen, want dan moet er gelijk een operationeel voordeel zijn.’

Product van TNO en RoboHouse samen

Uit de usecases die Heineken aandroeg destilleerden RoboHouse en TNO twee onderzoeksdoelen: het mogelijk maken van realtime controle over robots en het gebruik van visiontechnologie om de robots aan te sturen met camera’s. Met als overkoepelende vraag of dat haalbaar is op de hoge snelheid van Heinekens verpakkingslijnen. TNO nam de aansturing en bewegingen van de robot op zich, RoboHouse het visiongedeelte: het herkennen van de omgevallen fles, de softwarematige aansturing van het systeem en het bouwen van de gripper die het gevallen flesje oppakt. ‘De communicatie tussen de robot en computer is van groot belang’, vertelt Bas van Mil, Mechanical Engineer bij RoboHouse. ‘Ons werk en dat van TNO vult elkaar dus echt aan. Shobhits kennis van controletechniek hadden we bijvoorbeeld niet in huis en die was onmisbaar voor de aansturing van de robot. Die nauwe samenwerking maakt het echt een product van ons tweeën.’

 

Iedere milliseconde telt

Dat gevallen exemplaren geen moment stilliggen vormde de grootste uitdaging voor het detecteren en tracken van bierflesjes. Bas: ‘Ze bewegen niet alleen in de richting van de lopende band, maar ook op de band zelf, als ze bijvoorbeeld gaan rollen. Bij veel bestaande robotsystemen maakt de camera een enkele foto, waar vervolgens de robotbewegingen op worden gebaseerd. De robot doet dan een blind pick en heeft geen idee of er in de tussentijd iets is veranderd. Dat werkt alleen als de omgeving constant blijft, dus niet in dit geval.’

De oplossing was een systeem waarbij de camera en de bewegingen van de robot voortdurend met elkaar in verbinding staan. ‘Daarbij telt iedere milliseconde, anders verdwijnt het flesje uit beeld en grijpt de robot alsnog naar de plek waar de fles een halve seconde geleden was.’ Een programmeur van RoboHouse maakte de camerasoftware zo snel en efficiënt mogelijk en het fieldlab schafte speciaal voor dit project een krachtige pc aan waar een geavanceerde vorm van AI op draait.

Vervolgens schreven TNO en RoboHouse samen een programma dat de snelheid bepaalt vanaf het moment dat de fles wordt gedetecteerd, waardoor de robot direct meebeweegt. Hij trekt een soort sprintje op basis van de berekende snelheid. En dat maakt deze robot heel anders dan bestaande systemen. Shobhit: ‘Hij reageert onmiddellijk op veranderingen. Daardoor is de robot nu zelfs 30 procent sneller dan de huidige topsnelheid van Heinekens lopende banden. Dat maakt de robot dus breder inzetbaar: hij kan nu ook worden ingezet in een andere omgeving, met andere productiesnelheden.’

Slimmer dankzij onafhankelijke partners

Naast de succesvolle innovatie is ook het onafhankelijke karakter van TNO en RoboHouse voor Heineken waardevol. Dennis: ‘Daardoor weten we nu veel beter wat er technisch mogelijk is, wat de moeilijkheden zijn en in hoeverre een vraag aan onze technische leveranciers realistisch is. Dankzij dit project kunnen we tegenover onze leveranciers dan ook veel meer optreden als smart buyer en slimmer eisen stellen. Zeker omdat we opereren in zo’n innovatief vakgebied, waar je de onderdelen niet kant-en-klaar van de plank koopt, is het relevant om over die informatie te beschikken. Want vraag ik te weinig, dan haal ik niet het beste uit m’n project. Vraag ik te veel, dan komt dat de relatie met de leverancier niet ten goede.’

Bovendien zorgt het project voor inspiratie bij collega’s wereldwijd. ‘We delen filmpjes en rapporten vanuit SMITZH op het intranet en bouwen daarmee een soort community binnen Heineken op. Zo ontvangen we feedback, maar ook aanvragen voor de nieuwe robotsystemen van brouwerijen over de hele wereld.’ Om aan die vraag te beantwoorden, willen Dennis en Wessel de robotica-oplossingen kant-en-klaar aan brouwerijen gaan leveren. ‘Daarvoor zijn we nu op zoek naar partijen die de technologie beschikbaar kunnen maken en ondersteunende service kunnen bieden.’

De vervolgstappen van RoboHouse en TNO zijn gericht op het optimaliseren van de robot. ‘Dit is pas de pilotversie’, zegt Bas. ‘Er zijn zeker nog stappen te maken op het gebied van flexibiliteit, bijvoorbeeld door er een andere visionmodule in te plaatsen. Dat maakt de technologie nog breder inzetbaar.’ De organisaties zoeken daarom naar usecases waarin ze dezelfde techniek kunnen inzetten om andere problemen op te lossen. ‘Dat is het bredere plaatje waar we naar kijken’, zegt Shobhit. ‘Dit project staat dan model voor soortgelijke uitdagingen in andere industrieën.’

‘‘Voor maakbedrijven bestaan er bijna geen plekken als SMITZH waar ze naartoe kunnen met zulke vraagstukken’’

– Shobhit Yadav

Mechatronics Engineer Smart Industries and Robotics presso, TNO

Platform voor connecties

Alle partijen benadrukken het nut van samenwerking en kennisdeling om tot een succesvolle en relevante innovatie te komen. ‘Voor maakbedrijven bestaan er bijna geen plekken als SMITZH waar ze naartoe kunnen met zulke vraagstukken’, zegt Shobhit. ‘SMITZH is daarin vrij uniek en van groot belang: het programma biedt een specifiek platform voor de juiste connecties.’ Wessel beaamt de waarde van die connecties: ‘Producenten als Heineken, technologiebedrijven en kennisinstituten zouden veel intensiever met elkaar moeten samenwerken om dit soort projecten handen en voeten te geven. Dat heeft dit project wel onderstreept. De oplossing komt niet uit een pdf of presentatie, iets heeft pas echt effect als je het laat zien en het in de praktijk brengt.’

SMITZH en fieldlab RoboHouse

SMITZH staat voor Smart Manufacturing Industriële Toepassingen in Zuid-Holland. Het innovatieprogramma brengt vraag en aanbod op het gebied van slimme maaktechnologieën bij elkaar, om de toepassing daarvan te stimuleren en bedrijven in de regio te helpen innoveren.

Ieder SMITZH-project bestaat uit minimaal een maakbedrijf en een fieldlab. In dit project vervulde RoboHouse de rol van fieldlab. RoboHouse is gerelateerd aan de TU Delft en fungeert als industriële test-, ontwikkel- en ontmoetingsplek voor iedereen die zich bezighoudt met innovaties op het gebied van robotica.

Heb je een soortgelijke usecase en ben je net als Heineken op zoek naar een praktijkgerichte oplossing? Of wil je eerst meer weten over SMITZH of dit specifieke project? Mail naar info@smitzh.nl voor vragen over het samenwerkingsprogramma, of neem contact op met Shobhit Yadav van TNO of Bas van Mil van RoboHouse voor inhoudelijke vragen.