Is de maakindustrie, kurk van onze economie, toekomstbestendig?

OPINIE – Recente cijfers van het CBS tonen aan dat de maakindustrie steeds meer de kurk is waarop onze economie drijft, zeker nu landbouw en aardgas onder druk staan. Maar hoe toekomst-bestendig is die industrie? In Zuid-Holland werken we daar met elkaar aan. Doe mee!

‘Nederland moet het hebben van machines’ kopte dagblad Trouw op 5 november, op basis van cijfers van het CBS. De toegevoegde waarde door export van machines en onderdelen bedroeg 15,8 miljard euro in 2018, net zoveel als de nummers 2 (metaal), 3 (sierteelt) en 4 (aardgas) opgeteld. Bovendien groeide die toegevoegde waarde met 32 procent sinds 2015, terwijl de sierteelt stagneerde en aardgas 30 procent daalde. De toegevoegde waarde van nummer vijf, hoogwaardige kunststoffen, is de afgelopen vier jaar zo sterk gestegen, dat ik verwacht dat deze sector de sierteelt en aardgas snel zal inhalen. De conclusie is overduidelijk: Nederland is een maakland. Onze economie hangt steeds meer af van de kracht van onze maakindustrie. Dat die maakindustrie ook de sector is die de systemen levert voor schone energie, stallen en mobiliteit, is meer dan mooi meegenomen. Een krachtig beleid om die industrie te ondersteunen met faciliteiten voor innovatie, opleiding van talent en financieringsinstrumenten is hoognodig.

De provincie Zuid-Holland loopt voorop met zo’n beleid. Op 4 november is het vervolg van SMITZH officieel gestart, een programma om de maakindustrie moderner en efficiënter te maken. De provincie investeert ruim 5 miljoen in SMITZH in een totaalprogramma van 12 miljoen euro. Partners zijn: InnovationQuarter, TNO, MRDH, zeven fieldlabs, twee hogescholen, TU Delft en drie brancheverenigingen. Het programma richt zich op de ontwikkeling van slimme maaktechnologie, de toepassing daarvan door de Zuid-Hollandse maakbedrijven en de ontwikkeling van talent dat met die technologie uit de voeten kan. Denk aan de ontwikkeling van robots die op basis van technische tekeningen produceren zonder programmering. Of simulaties om productieprocessen te kunnen optimaliseren. Of ook techniek die mensen helpt om complexer en leuker werk snel te leren en foutloos uit te voeren. En natuurlijk veilige systemen om gegevens te delen, onbespied en onbedreigd door hackers. Toepassing van deze digitalisering maakt de industrie efficiënter en schoner. Zo maken we de maakindustrie toekomstbestendiger.

Maar toekomstbestendigheid is meer dan digitalisering alleen. De maakindustrie is steeds sterker afhankelijk van een efficiënte toeleverketen, goed opgeleid personeel, optimale logistiek en vestigingscondities en flexibele regels. Samen met de Economic Board Zuid-Holland, Holland Instrumentation en anderen werkt InnovationQuarter daarom aan versterking van het ecosysteem van de maakindustrie.

Daarnaast moet die industrie ook duurzaam en circulair worden. Dat gaat hand en hand met digitalisering, die bijdraagt aan efficiëntere productie èn nodig is om circulariteit mogelijk te maken. Bijvoorbeeld met digitale materiaalpaspoorten en systemen voor meten en scheiden van reststromen. Zuid-Holland werkt met andere regio’s en het ministerie van EZK aan het in kaart brengen en verspreiden van zulke circulaire oplossingen.

Ook de maakindustrie zelf verandert. Er wordt geëxperimenteerd met concepten waar (de ontwikkeling van) productie als dienst wordt aangeboden: Factory-as-a-Service. Dergelijke experimenten ondersteunen en onderzoeken we vanuit SMITZH.

Ten slotte: Zuid-Holland is geen eiland. Samenwerking in Nederland en Europa is nodig om de echte concurrenten in Amerika en Azië voor te blijven. Ook dat is nodig voor een toekomstbestendige maakindustrie in Zuid-Holland. En omdat bijna een kwart van de Nederlandse economie zich concentreert in die ene provincie, bepaalt dat de toekomstbestendigheid van de Nederlandse economie.

Dit opinie-artikel is geschreven door Anton Duisterwinkel

Terugblik eerste SMITZH Assembly

Op maandag 4 november vond de eerste SMITZH Assembly plaats. Het stakeholderevent om iedereen die aan het programma meewerkt fysiek bij elkaar te brengen. We denken dat we de bedrijven in onze regio nog beter kunnen helpen, als we van elkaar weten wat we doen, wat er mogelijk is en welke inspirerende verhalen er al te vertellen zijn. Blik samen met ons terug op deze succesvolle dag.

Een Assembly… voor wie?

Assembly betekent bijeenkomst of samenzijn; maar ook het samenvoegen van verschillende onderdelen. En dat is precies wat we met dit unieke stakeholderevent wilden bereiken. Genodigden waren niet alleen betrokken maakbedrijven, experts en toeleveranciers; maar ook overheden en samenwerkingsverbanden; communicatieprofessionals en natuurlijk alle fieldlabs, onderzoekers en programmaondersteuners. In totaal waren er zo’n 80 aanwezigen. Voor iedere groep was er naast het plenaire programma een break-out sessie op maat.

SMITZH. Waarom en waarheen?

Het plenaire programma vond plaats in het Science Centre Delft waar Anton Duisterwinkel (InnovationQuarter) en Lotte Groen (TNO) terugblikten op de eerste twee fases van het SMITZH-programma. Vervolgens werd de derde fase uitgelicht. Bij het eerste blok van fase drie staat innovatie centraal. Dit blok bestaat uit het ontwikkelen, valideren en demonstreren van toepassingen op het gebied van Flexibele Manufacturing, Mensgerichte Technologie, Digital Twinning en het delen van data. Het tweede blok van fase drie draait om implementatie. Hier gaat het om bedrijven, internationalisatie, mensen en de fieldlabs die allemaal aan de slag gaan.

Highlights SMITZH-2

In sneltreinvaart kwamen er 3 projecten uit SMITZH-2 voorbij en de daar geleerde lessen. Thijs Weggemans (Scheepswerf Slob) legde de ins en outs uit van Digital Twinning. Ward Bingley (Boers & Co) vertelde over het Operator Supporter System wat het leerproces van een medewerker versneld. In hun pilot met TNO kregen zij de benodigde begeleidingstijd van 6 uur naar 2 uur. Marco Kirsenstein (FME) deelde de mogelijkheden van vision technologie als alternatief voor barcode labels uit het haalbaarheidsonderzoek van VAF Instruments.

Bestuurders aan het woord

Bas Vollebregt (wethouder economie Delft) legde de nadruk op hoe waardevol de samenwerkingen zijn en hoe belangrijk implementatie is. Uit de naam van de MRDH, die SMITZH-2 financierde, droeg hij symbolisch het stokje over aan de provincie. Doormiddel van een videoboodschap liet Adri Bom-Lemstra, gedeputeerde Economie en Innovatie Zuid-Holland, haar trots blijken voor het SMITZH-programma en vertelde zij over de start van derde fase van het SMITZH-programma. Zuid-Holland als internationaal zwaartepunt voor de Smart Manufactering op gebieden als lucht en ruimtevaart; maritime en offshore; instrumenten en sensoren; en agro en food.

SMITZH-3: Innovatie

De nieuwe programmalijnen werden geschetst door Gergor van Baars (TNO) en Kjelt van Rijswijk (SAM│XL). Zij gaven inzicht in het flexibel maken, assembleren en inspecteren van lichtgewicht constructies. Marije Bakker (FME) gaf een kijkje in de aanpak voor het werven van potentiële bedrijven om te ondersteunen met het SMITZH programma. Ton Bastein (TNO) gaf uitleg over hoe de maakindustrie circulaire economie kan gebruiken in de praktijk. Marie-Claire van Doremalen (Koninklijke Metaalunie) en Daan Wortel (Duurzaamheidsfabriek) vertelden samen over de toekomst van lasrobotica en het belang van een leven lang ontwikkelen.

Break-out sessies

Na het plenaire deel werden alle deelnemers doorverwezen naar hun eigen break-out sessie waar interactie centraal stond. Elske Janssens (MRDH) en Lotte de Groen (TNO) gaven samen een break-out sessie over hoe je bedrijven kunt helpen met SMITZH vanuit jouw rol. Tijdens de break-out sessie van Anton Duisterwinkel (InnovationQuarter) en Marije Bakker (FME) kregen deelnemers praktische hulp bij het verbeteren van hun maakproces. Mandy van Tilborg (InnovationQuarter) hield een sessie over hoe communicatie meer effect krijgt door samenwerking. Tenslotte was er de mogelijkheid tot het kiezen van de break-out over leven lang ontwikkelen door initiatieven en plannen gegeven door Marie-Claire van Doremalen (Koninklijke Metaalunie) en Daan Wortel (Duurzaamheidsfabriek) of een rondleiding met uitleg over de verschillende labs in RoboHouse door Jaimy Siebel (RoboHouse) en Gu van Rhijn (TNO).

Afsluiting

Aan het einde van het programma vond een netwerkborrel plaats onder live-muziek van studenten van de TU Delft. Ook werden er nog toelichtingen gegeven op de verschillende onderdelen van fieldlab RoboHouse. Wij danken een ieder voor hun aanwezigheid en actieve bijdrage aan de Assembly.

Vervolg programma SMITZH officieel van start

De vervolgfase van SMITZH  is gisteren officieel van start gegaan tijdens de SMITZH Assembly, het eerste stakeholderevent voor alle betrokkenen bij het programma. SMITZH stimuleert innovatie bij de maakindustrie om hun productieproces te digitaliseren, automatiseren of te robotiseren door kennis en financiering te bieden voor projecten die zij uitvoeren met fieldlabs. Dit leidt tot het versterken van de concurrentiepositie van bedrijven en het innovatieve vermogen van de regio. SMITZH fase 3 heeft een omvang van 12 miljoen euro en bestaat inmiddels uit een consortium van elf partners. SMITZH is een initiatief van de Provincie Zuid-Holland, InnovationQuarter, Metropoolregio Rotterdam Den Haag en TNO.

 

Versterken ecosysteem regionale maakindustrie

Anton Duisterwinkel, programmamanager vanuit InnovationQuarter: “InnovationQuarter stimuleert innovatie in Zuid-Holland door te investeren in bedrijven met groeiplannen, die bedrijven te helpen met internationalisering en door bedrijven en kennisinstellingen samen sneller te laten innoveren. Het programma SMITZH helpt ons om die drie taken te realiseren voor de maakindustrie en toeleveranciers daarvan, bijvoorbeeld doordat SMITZH bedrijven begeleidt in het opzetten van groeiplannen met slimme maaktechnologie als voorbereiding op een investering. Bovendien versterkt SMITZH het ecosysteem van de maakindustrie in Zuid-Holland, een tot nu toe onderbelichte parel van onze provincie. Meer dan genoeg reden voor ons om SMITZH te initialiseren, uit te voeren en te ondersteunen.”

 

Activatie en ontwikkeling slimme maakbedrijven

Met meer dan tien kiemprojecten, tientallen bedrijven die in actie kwamen rondom slimme maaktechnologie en drie demonstratieprojecten, mag het huidige SMITZH-programma een succes worden genoemd. Toch bleek het bereiken van bedrijven een enorme uitdaging. Er zijn ongeveer 10.000 maakbedrijven in Zuid-Holland, waarvan velen kleine series complexe producten maken. Het is de inschatting dat er nu zo’n 400 zijn bereikt. SMITZH-3 heeft de ambitie om veel meer Zuid-Hollandse mkb en middelgrote bedrijven te betrekken bij de verdere ontwikkeling van slimme maaktechnologie.

Marije Bakker, adviseur Smart Industry: “FME ziet dat veel bedrijven in het digitaliseringsproces tegen vragen aanlopen en het SMITZH-programma kan ondernemers helpen hier een antwoord op te vinden. FME leidt in SMITZH-3 het werkpakket ‘Activatie’ waarin het bereiken van Zuid-Hollandse bedrijven en het ophalen en concretiseren van hun vraag centraal staat. De vraagstellers worden vervolgens verbonden aan de partij die de ondernemer het best met zijn of haar vraag kan helpen. Zo komen zij een stap verder op het gebied van Smart Manufacturing en bereikt SMITZH haar bovenliggende doel: een sterkere concurrentiepositie en vergroot innovatief vermogen van Zuid-Hollandse bedrijven.”

 

Van kennis naar werkvloer

TNO is bij het programma betrokken voor een goede kennisontwikkeling. Programmamanager vanuit TNO is Lotte De Groen: “In SMITZH-3 worden nieuwe toepassingen getoetst op de waarde die ze hebben voor maakbedrijven. Onze ambities zijn concreet. Bijvoorbeeld ‘zero programming’: robots die niet hoeven te worden geprogrammeerd maar die op basis van CAD-tekeningen van het product en sensoren, ‘snappen’ wat ze moeten doen. En ook: met een digitale tweeling van je productielijn (digital twin) heel snel en met zo min mogelijk kosten aanpassingen aan een product inregelen, of werkinstructies via beeldscherm, AR-bril of beamer projecteren zodat complexe taken eenvoudig uitvoerbaar worden.”

 

Inzet op verbonden fieldlabs

Het gezamenlijke aanbod van de verschillende Smart Industry fieldlabs kan veel bedrijven helpen om hun producten concurrerend te produceren. Met de nieuwste productietechnologie is het ook voor kleine series en/of enkelstuks soms al interessant. Zo kunnen bedrijven met het huidige personeel meer en goedkoper produceren, gaat de kwaliteit omhoog en de levertijd omlaag. De fieldlabs worden via het SMITZH programma onderling met elkaar in contact gebracht en verbonden met onderzoek bij TNO. Zij kunnen hun diensten en producten verder ontwikkelen voor bedrijven, om met hen tot nog meer impact te komen.

 

Partners SMITZH

SMITZH wordt gecoördineerd door InnovationQuarter en TNO, en wordt mede mogelijk gemaakt door de partners: Provincie Zuid-Holland, Metropoolregio Rotterdam Den Haag, FME, De Haagse Hogeschool, TU Delft, Hogeschool Rotterdam, HI (Holland Instrumentation), Koninklijke Metaalunie en Ministerie EZK.

Europese subsidie beschikbaar voor toepassing van geavanceerde robotica

Wil jij de productieprocessen van je mkb-bedrijf optimaliseren met behulp van geavanceerde robotica? Of ben jij system integrator of technology aanbieder? In maart 2020 start een nieuwe challenge bij het DIH^2 netwerk. Hier kun jij bij DIH^2 netwerk een voorstel indienen voor de toepassing van geavanceerde robotica in de eigen productieprocessen. Jouw voorstel heeft de mogelijkheid om een subsidie ter waarde van €248.000 te krijgen om daarmee je voorstel te realiseren.

DIH^2

DIH^2 is een netwerk van 26 Europese Digital Innovatie Hubs (waaronder RoboHouse). DIH^2 willen ervoor zorgen dat geavanceerde robotica applicaties betaalbaar en bereikbaar worden voor Europese mkb-bedrijven. Het doel van DIH^2 is om tegen 2020 het netwerk te laten groeien naar 170 Digital Innovatie Hubs.

Deelname

De voorwaarden voor deelname zijn dat jouw bedrijf maximaal 500 werknemers en een maximale omzet van €100 miljoen heeft. De ontvangen subsidie dien je te besteden aan software en is niet bedoeld voor het aanschaffen van hardware. Daarnaast dien je als systeem integrator of technology aanbieder (leverancier) gespecialiseerd te zijn in technology transfer (dit is inclusief start-ups, onderzoekscentra, fieldlabs en Mid-Caps. Je krijgt als mkb-bedrijf vrijheid om het bedrag naar eigen inzicht uit te geven binnen de gestelde voorwaarden.

Belangrijke data

SMITZH kan bedrijven waar mogelijk helpen bij eventuele vragen die opkomen tijdens het indienen van de aanvraag. De belangrijke data zijn als volgt:
o Tot 31 oktober 2019 – Inschrijven voor de challenge via: https://dih-squared.fundingbox.com
o December 2019 – Selectie wordt uitgenodigd op locatie (in Europa) voor een informatiebijeenkomst. Hier heb je de gelegenheid om samenwerkingen met andere partijen aan te gaan.
o Maart 2020 – Inleveren voorstel
o Juni 2020 – Winnaar bekend gemaakt
Er mogen maximaal 20 Nederlandse mkb-bedrijven deelnemen.

AIRLab Delft officieel geopend!

AIRLab Delft is officieel geopend! Tijdens een feestelijke bijeenkomst in RoboHouse kwamen alle betrokken stakeholders bijeen; YES!Delft, RoboHouse, TUDelft en Ahold Delhaize. Hier werd de lancering van een unieke samenwerking gevierd. Deze samenwerking is gericht op het herdefiniëren van retail door middel van technologie. Bij retail robotica kun je denken aan: een robotarm in de supermarkt die tomaten in staat is deze op te pakken zonder deze kapot te knijpen of een robot die voedsel kan detecteren waarvan de datum is verstreken.

Het doel van AIRLab

RoboHouse is het Smart Industry fieldlab van RoboValley waar AIRLab Delft gevestigd is. Hier kunnen organisaties ontdekken wat robotica allemaal te bieden heeft en is er de mogelijkheid om ook eigen applicaties te testen in een industriële setting. Door RoboHouse is het mogelijk om snel automatiseringsoplossingen te vinden voor echte problemen.

Retail robotica

Yes!Delft levert de snelle opstartwerking en de expertise die nodig zijn voor rapid prototyping. Rapid prototyping maakt het mogelijk om complexe problemen binnen een paar weken op te lossen. Digitale en kunstmatige intelligentie komen steeds meer op. Het doel van AIRLab Delft is zich te focussen op de kruising tussen retail en robotica en hiermee oplossingen te vinden voor alledaagse problemen.

Studenten

Ahold Delhaize neemt als klant deel aan één van de Minor Robotics projecten van de TU Delft waar getalenteerde studenten bij betrokken zijn. In Amsterdam is al eerder een AIRLab geopend. Hier focust men ook op retail robotica voor onder andere bol.com waarbij magazijn robots onder deel zijn van ontwikkelingstrajecten.

 

 

DEMODAG 3D&FPP: productietijd en -kosten besparen

Hoe bij de nabewerking van 3D-metaalgeprinte onderdelen aanzienlijk op productietijd en -kosten kan worden bespaard, werd getoond tijdens de Demodag van het 3D&FPP-project, op 19 september 2019 bij RDM Next. In het project was de demonstratie de voorlaatste stap in het onderzoek. Nu rest de kwantitatieve validatie van de oplossing in termen van de gerealiseerde kosten en tijdreductie ten opzichte van conventioneel nabewerken.

FLEXIBLE POST PROCESSING

Integratie van 3D-metaalprinten en nabewerken is geen sinecure. Na het printen verlies je alle informatie over afmeting en oriëntatie van het object. De Flexible Post Processing solution, zoals ontwikkeld binnen het Interreg 2 Seas (EFRO)-project 3D&FPP, maakt het mogelijk om de afmetingen en oriëntatie van het object te bepalen en direct te vertalen naar de aansturing van een CNC-machine. Zo kan in één keer het surplus aan stockmateriaal worden gefreesd tot de juiste dimensies.

UNIVERSEEL

De FPP-oplossing is universeel toepasbaar en geschikt voor retrofit. Zo kan het bestaande machinepark ook worden opgewaardeerd. Het project richt zich op het realiseren van een reductie van 50% op productietijd en tot 30% op productiekosten.

 

 

Uniek Flexible Manufacturing project RAMLAB en partners krijgt vervolg

Flexible Manufacturing is een aanpak om productiekosten te verlagen. Automatisering wordt zo ingericht dat er gemakkelijk kan worden geschakeld tussen diverse producten en seriegroottes en dat kleine veranderingen probleemloos worden opgevangen. Deze Smart Manufacturing techniek is zeer interessant voor de productie van kleine series en enkelstuks. Als je kleinschalig produceert, kun je je immers geen fouten, vertragingen en afval veroorloven. Samen met meerdere partners onderzocht fieldlab RAMLAB deze nieuwe manier van produceren voor 3D-metaalprinten. Het SMITZH kiemproject verliep zo succesvol dat het een vervolg krijgt.

Gezamenlijk testen en ontwikkelen in een fieldlab
Fieldlab RAMLAB doet onderzoek naar het 3D printen van grote metalen onderdelen samen met bedrijven en academische instellingen. Meerdere RAMLAB partners deelden afgelopen jaar dezelfde onderzoeksbehoefte. Onder andere Shell, Man Energy Solutions, Ahrenkiel Steamship, voestalpine, Linde, Allseas, Element en VandeGrijp toonden interesse in Flexible Manufacturing voor 3D-metaalprinten ook wel Wire Arc Additive Manufacturing (WAAM) genoemd. De bedrijven willen allen meer inzicht in of en hoe zij deze nieuwe techniek kunnen toepassen in hun eigen productieomgeving. Om het project te versnellen, kregen zij hiervoor vanuit SMITZH financiële ondersteuning (kiemprojectregeling). RAMLAB kan de opgebouwde kennis weer gebruiken om andere maakbedrijven te adviseren over de haalbaarheid van 3D-metaalprinten voor hun producten.

Wereldwijd uniek onderzoek
Deze zomer is het project dat ongeveer een jaar duurde afgerond. Tijdens het project stonden twee onderzoeksvragen centraal: Kunnen we een monitoring en control applicatie ontwikkelen? en Is het mogelijk om met meerdere materialen tegelijk te werken en wat zijn daar de parameters voor? Vragen waar wereldwijd nog maar weinig kennis over gedeeld wordt, doordat deze productietechnologie nog zo jong is en een groot concurrentievoordeel op kan leveren. Dat maakt dit SMITZH project zo bijzonder.

Monitoring & control: want elke print moet meteen goed zijn
Bij flexibele manufacturing is het essentieel dat een product direct goed geproduceerd wordt, je maakt er immers maar één of enkele van. Vincent Wegener van RAMLAB: “Bij massaproductie werk je bijvoorbeeld met een mal. De kosten om die te gieten zijn laag per product, omdat je er heel veel van maakt. Je kunt daardoor wat extra tijd en geld besteden aan het optimaliseren van je mal. Bij 3D-metaalprinten moet elke print echter meteen goed zijn. Daarom zul je alle parameters tijdens het printen realtime in de gaten moeten houden.”
In dit project is door RAMLAB een allereerste stap gemaakt in de software ontwikkeling van een dergelijke monitoring en control applicatie. De 3D-printer (Een lasrobot systeem van Valk Welding) moet hiervoor worden uitgerust met allerlei camera’s en sensoren die bijvoorbeeld de temperatuur of kwaliteit van het lasblad meten en realtime zichtbaar maken in een gebruikersapplicatie.

Multimaterialen om goedkoper en duurzamer te produceren
Bij het 3D-metaal printen uit één materiaal kunnen de kosten soms hoog oplopen. Vincent: “Een scheepsschroef moet bijvoorbeeld corrosiebestendig zijn. Corrosiebestendig materiaal is erg duur. In dit project hebben we onderzocht of en hoe je met meerdere materialen één product kunt printen. Je wilt misschien sommige delen hol maken en enkel een laagje aan de buitenzijde voorzien van een corrosiebestendige coating.”
Ook over het printen met multimaterialen is wereldwijd nog weinig bekend. Samen met onderzoekers van de TU Delft heeft RAMLAB in dit project een eerste stap gemaakt in het in kaart brengen van ideale parameters om de kwaliteit van producten te garanderen die bijvoorbeeld corrosie-, slijtage- of hittebestendig zijn of waarvan het materiaal heel duur is, gepolijst moet zijn om goed op andere onderdelen aan de sluiten of juist heel licht moet zijn om te kunnen functioneren.
Vincent: “Wij hebben diverse muurtjes geprint van verschillende combinaties van materialen. Onderzoekers van de TU Delft hebben hiermee materiaalkundig onderzoek uitgevoerd en zijn er bijvoorbeeld mee gaan experimenteren in zoutbaden. Dit heeft tot eerste inzichten geleid van de juiste parameters als je materialen samenvoegt tijdens het printen.”

Vervolgstappen onderzoek Flexible Manufacturing
Bedrijven die deelnemen in het consortium van RAMLAB krijgen ieder kwartaal de voorlopige onderzoeksresultaten gepresenteerd in het fieldlab en eventueel worden er nog presentaties en rapporten nagezonden. De partners die deelnamen aan dit project zijn zeer tevreden over de resultaten en zien graag een vervolg van het onderzoek.
De monitoring en control applicatie kan dan van betaversie naar een 1.0 versie doorontwikkeld worden. In het multimaterialen onderzoek kunnen er nog meer parameters aan de database toegevoegd worden. Wat zijn slimme combinaties en hoe maken we die?
Vanuit SMITZH is er financiering beschikbaar om ook dit vervolgproject te ondersteunen. Daarnaast heeft RAMLAB afgelopen week een Horizon2020 voorstel ingediend om het consortium uit te breiden naar 20 Europese partners om zo het onderzoek op te schalen en te versnellen.

Heb jij als bedrijf ook interesse in flexible manufacturing voor grootschalig 3D-metaalprinten?

Programmanieuws: SMITZH gaat verder

Met meer dan tien kiemprojecten, honderden bedrijven die in actie kwamen rondom slimme maaktechnologie, drie fraaie demonstratieprojecten en nog veel meer, mag het huidige SMITZH-programma een succes worden genoemd. Achter de schermen is daarom door de vier oprichters MRDH, de provincie Zuid-Holland, TNO en InnovationQuarter gewerkt aan een vervolg. Vanaf oktober gaat SMITZH dan ook door. Lees hier wat dat betekent.

Het nieuwe programma beschikt over 12 miljoen euro door een consortium van tien partners. De provincie is gevraagd om daarvan ruim vijf miljoen bij te dragen. Alle andere partners leggen ook zelf in. Het programma gaat drie jaar lopen en kent twee doelen: innovatie en toepassing van maaktechnologie.

Aandacht voor ontwikkeling nieuwe technologie voor mkb en kleine series

Innovatie van maaktechnologie blijkt nog keihard nodig. Natuurlijk zijn er grote sprongen gemaakt de afgelopen decennia met bijvoorbeeld 3D-printen en robots. Toch bleek in het huidige SMITZH programma dat die technologie niet altijd geschikt en bereikbaar is voor mkb en middelgrote bedrijven die kleine series complexe producten maken, zoals veel Zuid-Hollandse bedrijven dat doen. Daarom is een groot programma opgezet voor door- en uitontwikkeling van slimme maaktechnologie door bedrijven, fieldlabs, TNO en TU Delft. TNO leidt dat deelprogramma en legt ook zelf stevig in. De ambities zijn concreet. Bijvoorbeeld ‘zero programming’: robots die niet hoeven te worden geprogrammeerd maar op basis van CAD-tekeningen van het product en sensoren ‘snappen’ wat ze moeten doen. En ook: eenvoudig en betaalbare toepassingen van digital twinning ontwikkelen en testen zoals predictive maintenance of bijsturen van het proces tijdens de uitvoering. Of werkinstructies via beeldscherm, AR-bril of beamer die complexe taken eenvoudig uitvoerbaar maken.

Aandacht voor toepassing van bestaande technologie

Naast het ontwikkelen van nieuwe technologie is het stimuleren van de toepassing van bestaande technologie minstens net zo belangrijk en interessant voor een heel brede groep bedrijven. Daar is het tweede deel van het SMITZH vervolgprogramma op gericht, onder leiding van InnovationQuarter. Samen met FME, Metaalunie, Holland Instrumentation, de Haagse Hogeschool en Hogeschool Rotterdam wordt een programma ontwikkeld om individuele bedrijven te benaderen, enthousiasmeren en ondersteunen bij het toepassen van bestaande technologieën. Bedrijven kunnen daarin een scan doen om te bepalen waar ze staan en waar de grootste kansen liggen. Ze kunnen workshops volgen om die kansen uit te werken. Er zijn vouchers voor het inkopen van advies bij het uitwerken van een plan. En er worden vraag/aanbod sessies opgezet om de bedrijven te koppelen aan leveranciers. Zo wordt een ondernemer gesteund bij het daadwerkelijk toepassen van slimme maaktechnologie op de werkvloer.

Aansluiting opleiding- en ontwikkelingsfondsen

Maar kan het personeel die nieuwe technologie dan ook gebruiken? Hoe en waar leid je je eigen mensen op en waar vind je mensen op de arbeidsmarkt met de goede vaardigheden? Metaalunie leidt daarom een deelproject waar ook de opleiding- en ontwikkelingsfondsen van de metaal zich bij hebben aangesloten. Doel is om het beschikbare aanbod van opleidingen beter bekend te maken maar ook om het beter aan te laten sluiten op de vraag van werknemers en van ondernemers.

Meer weten over het vervolg van het programma SMITZH? Kom naar de SMITZH Assembly op 4 november, het event voor alle stakeholders die aan het programma werken. We lichten onze plannen daar toe en gaan graag met elkaar in gesprek over hoe we de bedrijven in onze regio nog beter kunnen helpen. Als we van elkaar weten wat we doen, wat er mogelijk is en welke inspirerende verhalen er al te vertellen zijn, kunnen we bedrijven nog beter helpen. De SMITZH Assembly is op persoonlijke uitnodiging. Denk jij dat jij hier ook bij moet zijn, stuur dan een mail naar event@innovationquarter.nl o.v.v. SMITZH Assembly ’19.

Anton Duisterwinkel en Lotte de Groen, Programmamanagers SMITZH

Nieuwe cursus: Industrial Robots for Engineers van start

De nieuwe cursus ‘Industrial robots for Engineers’ cursus bied je de mogelijkheid om aan de slag te gaan met industriële robots. Inmiddels hebben de eerste deelnemers aan de RoboAcademy een certificaat mogen ontvangen voor deze cursus.

RoboAcademy biedt jou de kans om de juiste vaardigheden en kennis te verkrijgen die belangrijk zijn voor smart industry. Dit door middel van cursussen op verschillende niveau’s.

Deelnemers van Fokker, QLayers en Airborne hebben zichzelf in drie dagen tijd voorbereid op het werken met industriële robots in de nieuwe cursus ‘Industrial robots for Engineers’. Zij hebben hun robotvaardigheden verbeterd door hands-on aan de slag te gaan met de robots in de grote hal van het fieldlab SAM | XL. Ook hebben zij kennis gemaakt met het programmeren met RobotStudio, de softwareomgeving van ABB. Inmiddels is een tweede lichting aan de gang.

Minor Smart Manufacturing & Robotics zoekt industriële robotica-opdrachten

Studenten van de minor Smart Manufacturing & Robotics van De Haagse Hogeschool voeren ook dit kwartaal weer kosteloos industriële robotica-opdrachten uit voor het bedrijfsleven. Een greep uit de projecten: een autonoom rijdende robot voor medicatie; een robot om orchideeën te verpakken en een robot om pakketjes zo efficient als mogelijk te stapelen. Heb jij een interessante casus en lijkt dit je een mooie manier om daaraan te werken? Laat dit dan weten aan de Haagse Hogeschool.

haagse hogeschool robot minor

In het kort:

Studenten bouwen in 6 weken tijd een werkend prototype in het roboticalab in Delft van de Haagse Hogeschool. De Haagse Hogeschool levert industriële robots, machine vision camera’s en een breed scala aan randapparatuur. Daarnaast zijn er enthousiaste en leergierige studenten die graag aan een praktijkcase werken en mentoren om hen en jou te ondersteunen. Van bedrijven vraagt de Haagse Hogeschool uiteraard goed opdrachtgeverschap.

Van alle projecten worden korte video’s en casebeschrijvingen gemaakt die je kunt bekijken ter inspiratie op de site van de minor.

Meedoen?

Deze week is net weer een nieuwe lichting studenten gestart. Aanmeldingen voor een volgende lichting kunnen kenbaar gemaakt worden bij Thijs Brilleman of via de website van de minor Smart Manufacturing & Robotics Delft. Voor aanmelding zijn de volgende gegevens nodig: bedrijfsnaam, locatie, naam contactpersoon met telefoonnummer en emailadres en een korte opdrachtomschrijving (1-3 zinnen). Als er een match is, zal er contact met je worden opgenomen.