Doe mee aan de pilot van De Datawerf!

Kosten reduceren en nieuwe omzet genereren met data. Een aantrekkelijk verhaal, maar hoe doe je dit? Op 18 februari organiseerden InnovationQuarter, NMT, Gemeente Rotterdam en Maritime Delta samen een webinar over het groeiend belang van datagedreven werken voor de maritieme sector. Maritieme mkb-bedrijven uit Zuid-Holland met ambities in datagedreven werken kunnen ondersteuning krijgen vanuit de pilot De Datawerf. Maak nu je interesse kenbaar.

 

Jaap Kouwenhoven (Oceanco), Roy de Winter (C-Job) en Tanaka Moyo (IHC IQIP) bespraken samen met Tim Franken (InnovationQuarter) over hun drijfveren om datagedreven te gaan werken. Zij zoomden in op waarom datagedreven werken de toekomst is, wat de voordelen zijn en hoe ze samen met hun klanten werken op dit gebied. Benieuwd naar hun visie en ervaringen?

Bekijk hier de video van Ideecafé Digitalisering.

Zelf aan de slag in de ‘De Datawerf’

Ben of ken jij maritieme mkb-bedrijven uit Zuid-Holland met ambities in datagedreven werken en heb je behoefte aan ondersteuning? Meld je dan via deze survey aan als geïnteresseerde voor De Datawerf.

Wat wil De Datawerf bieden?

  • De mogelijkheid om een ‘data maturity’ assessment te doen: waar staat mijn organisatie?
  • Advies van onafhankelijke experts op je implementatieplan en business case
  • Een financiële impuls voor de beste voorstellen (max 50% subsidie)

Wanneer start De Datawerf?

Pilotprogramma vanaf Q3 2021 (onder voorbehoud)

 

Vervolg ActieAgenda Technologische Industrie

Begin februari kwamen 240 mensen digitaal bijeen om de ActieAgenda voor de Technologische Industrie te bespreken. Op de agenda staan: nieuwe productketens, digitaal verbinden, talent aantrekken/ vasthouden en netwerk versterken. Met name techniekpromotie, leven lang ontwikkelen en samenwerking in en tussen hotspots kregen unanieme support. Nu is de uitdaging de ActieAgenda verder uit te werken. Wil jij daaraan bijdragen? Dan kan je hieronder zien hoe.

Het volledige verslag van de bijeenkomst is hier te lezen.

Actielijn 1: Nieuwe Productketens

Voor alle vier geselecteerde productketens is voldoende support. Oproep vanuit de aanwezigen is om aspecten als dataverwerking, kruisbestuiving tussen sectoren en circulariteit goed mee te nemen en dus de actielijn over robotica te verbreden naar andere sectoren. Wil jij actief bijdragen aan één van deze thema’s? Dan kan je je aanmelden bij:

–    Technologie voor de waterstofeconomie: Anton Duisterwinkel.

–    Lasersatelliet-communicatie: Anton Duisterwinkel.

–    Robotica (van kas tot klant): Anton Duisterwinkel.

–    3D-printing: Onno Ponfoort.

Actielijn 2: Digitaal verbinden

Het belang van digitaal verbinden is onderschreven en een deel van de aanwezigen ziet daarin voor zichzelf een rol. Wil je actief bijdragen of meer weten? Dan kan je je aanmelden bij:

–    ‘Tracking and tracing’, kwaliteit in de keten of jouw eigen use-cases: Jacqueline Schardijn.

–    Introductie in Smart Connected Factory, klik hier voor een eerste stap in Digitaal Verbinden.

Actielijn 3: Talent aantrekken en vasthouden en Actielijn 4 Netwerk versterken

Deze actielijnen worden massaal onderschreven. De hotspots voor de Technologische Industrie kunnen daarin een belangrijke rol spelen. Op dit moment doen negen hotspots mee. Hieronder een kort overzicht van de contactgegevens:

– NL Space Campus, Noordwijk: Esther Peters.

– UnmannedValley, Katwijk: Theo de Vries.

– Technology Park Ypenburg: Stephen Hands.

– RoboValley/FRAIM, Delft: Jaimy Siebel.

– Quantum Campus, Delft: Wilbert Hoondert.

– MICS, Schiedam: Anske Plante.

– MakersDistrict Rotterdam: Jouke Goslinga.

– HI Campus, Dordrecht: Daan Wortel.

– Innovatie Hotspot Zuid-Holland Oost: Ineke de Graaf.

Vervolg

De EBZ, InnovationQuarter en HI hebben het initiatief genomen voor deze actieagenda en daarvoor een taskforce opgericht. De vele suggesties zullen worden verwerkt in de definitieve tekst voor de ActieAgenda. Die leggen we dan daarna voor aan de deelnemers ter ondertekening. In de tussentijd gaan we met een aantal zaken al aan de slag. Denk aan groeifondsvoorstellen voor Additive Manufacturing en High Tech Equipment rondom alle Nieuwe Productketens. We ontwikkelen het netwerk van hotspots verder en gaan kwartiermakers aanstellen op techniekpromotie en zij-instromers. Voor al deze acties hebben we immers meer dan voldoende instemming.

Je kunt daaraan eenvoudig bijdragen. Als je het imago en het onderlinge netwerk van de Technologische Industrie in Zuid-Holland wil versterken, dan is een eerste stap: wordt partner van HI klik hier voor meer info.

 

 

Innoveren met flexible manufacturing: Hoe Heineken razendsnelle robots inzet aan lopende band

Met productielocaties in meer dan 70 landen is Heineken een van de grootste bierproducenten ter wereld. Van kleine brouwerijen tot mega-breweries: overal worden de logistieke en productieprocessen complexer en de machines geavanceerder. ‘We worden steeds meer een hightechbedrijf en trekken veel technische arbeidskrachten aan’, zegt Dennis van der Plas, Global Lead Packaging Lines bij Heineken. ‘Die houd je niet tevreden met repeterend werk, zoals omgevallen flesjes van de lopende band rapen.’ De biermultinational zoekt daarom naar robotica-oplossingen om het werk in de brouwerijen aantrekkelijker en veiliger te maken en bovendien de flexibiliteit van de organisatie te vergroten. Binnen innovatieprogramma SMITZH ontwikkelen Heineken en fieldlab RoboHouse, met ondersteuning van TNO, zo’n oplossing op basis van flexible manufacturing: geautomatiseerd omgaan met onverwachte situaties.

Shobhit Yadav van TNO vindt flexible manufacturing een van de belangrijkste ontwikkelingen binnen de smart industry. ‘Maakbedrijven leveren tegenwoordig voornamelijk gespecialiseerde producten, omdat de klant daarom vraagt. Als fabrikant moet je dus veel verschillende producten kunnen maken. Dat kan óf met een groot aantal productielijnen, óf met een klein aantal productielijnen die flexibel genoeg zijn om aan te passen.’ De vraag van Heineken ligt in het verlengde daarvan: een robot die verschillende soorten omgevallen bierflesjes op de lopende band herkent en ze oppakt terwijl de band blijft bewegen. Shobhit: ‘De omgeving verandert constant en daar moet de robot meteen op reageren. Een typisch voorbeeld van een flexibele productielijn, die zich automatisch aanpast aan de situatie.’

 

Robotica voor een prettige en veilige werkomgeving

Robots zijn natuurlijk niets nieuws. Dennis: ‘De automotive-industrie werkt met robots die hele auto’s in elkaar lassen en onze industrie met robots voor palletizing, waarbij producten automatisch op een pallet worden gestapeld. Maar bij dit project benaderen we het thema vanuit een andere invalshoek: niet vanuit de vraag welke robots er op de markt zijn en hoe je die kunt inzetten, maar vanuit de wensen en behoeften van de mensen in de brouwerijen, de operators die de machines bedienen en onderhouden. En hoe robots hen kunnen ondersteunen in hun werk.’

De oplossing moet namelijk niet alleen zorgen voor procesoptimalisatie, maar vooral voor meer veiligheid en voldoening op de werkvloer. En dus voor goed werkgeverschap. Dennis en zijn collega Wessel Reurslag, Global Lead Packaging Engineering & Robotics, vroegen daarom aan de operators wat zij nodig hebben om hun werk uitdagender en veiliger te maken. Een van de usecases die daaruit naar voren kwam, was het oprapen van omgevallen bierflesjes op de lopende band: repeterend, maar ook onveilig werk, aangezien het glas nog weleens breekt.

”Het lab is dé place to meet voor iedereen die bezig is met robotica. En bovendien gelinkt aan SMITZH en dus aan TNO.”

– Wessel Reurslag

Global Lead Packaging Engineering & Robotics, Heineken

Experimenteren zonder businesscase

Via een sponsortraject tussen Heineken en X!Delft, aanjager van innovaties en de schakel tussen het bedrijfsleven en de TU Delft, kwam het biermerk in contact met fieldlab RoboHouse. Wessel: ‘Het lab is dé place to meet voor iedereen die bezig is met robotica. En bovendien gelinkt aan SMITZH en dus aan TNO.’ Al snel bleek dat de ambities van de partijen overlapten: Heineken wilde een onafhankelijk advies, TNO en RoboHouse een praktijkstudie die vroeg om een oplossing in flexible manufacturing. ‘Het ontstaan van zo’n samenwerkingsverband is voor alle partijen heel waardevol’, zegt Shobhit. ‘Dankzij SMITZH werken we bij TNO met actuele uitdagingen binnen de industrie en doen we waardevolle contacten op. Daardoor krijgen onze onderzoeken meer relevantie. Andersom hebben maakbedrijven een plek waar ze heen kunnen met vragen en problemen op het gebied van slimme technologieën.’

De mannen van Heineken roemen de vernieuwende manier van werken met TNO en een fieldlab. Dennis: ‘Het mooie is dat alle partners binnen het project meedoen om er iets van te leren. Bij RoboHouse hebben we de beschikking over de expertise van robotengineers en over state-of-the-arttechnologieën zoals robotarmen. We hebben zelf de transportband geleverd. TNO brengt daar een stuk kennis bij en dat samen zorgt voor een laagdrempelige manier van onderzoeken en experimenteren. Met een businesscase zou je dat nooit zo makkelijk kunnen doen, want dan moet er gelijk een operationeel voordeel zijn.’

Product van TNO en RoboHouse samen

Uit de usecases die Heineken aandroeg destilleerden RoboHouse en TNO twee onderzoeksdoelen: het mogelijk maken van realtime controle over robots en het gebruik van visiontechnologie om de robots aan te sturen met camera’s. Met als overkoepelende vraag of dat haalbaar is op de hoge snelheid van Heinekens verpakkingslijnen. TNO nam de aansturing en bewegingen van de robot op zich, RoboHouse het visiongedeelte: het herkennen van de omgevallen fles, de softwarematige aansturing van het systeem en het bouwen van de gripper die het gevallen flesje oppakt. ‘De communicatie tussen de robot en computer is van groot belang’, vertelt Bas van Mil, Mechanical Engineer bij RoboHouse. ‘Ons werk en dat van TNO vult elkaar dus echt aan. Shobhits kennis van controletechniek hadden we bijvoorbeeld niet in huis en die was onmisbaar voor de aansturing van de robot. Die nauwe samenwerking maakt het echt een product van ons tweeën.’

 

Iedere milliseconde telt

Dat gevallen exemplaren geen moment stilliggen vormde de grootste uitdaging voor het detecteren en tracken van bierflesjes. Bas: ‘Ze bewegen niet alleen in de richting van de lopende band, maar ook op de band zelf, als ze bijvoorbeeld gaan rollen. Bij veel bestaande robotsystemen maakt de camera een enkele foto, waar vervolgens de robotbewegingen op worden gebaseerd. De robot doet dan een blind pick en heeft geen idee of er in de tussentijd iets is veranderd. Dat werkt alleen als de omgeving constant blijft, dus niet in dit geval.’

De oplossing was een systeem waarbij de camera en de bewegingen van de robot voortdurend met elkaar in verbinding staan. ‘Daarbij telt iedere milliseconde, anders verdwijnt het flesje uit beeld en grijpt de robot alsnog naar de plek waar de fles een halve seconde geleden was.’ Een programmeur van RoboHouse maakte de camerasoftware zo snel en efficiënt mogelijk en het fieldlab schafte speciaal voor dit project een krachtige pc aan waar een geavanceerde vorm van AI op draait.

Vervolgens schreven TNO en RoboHouse samen een programma dat de snelheid bepaalt vanaf het moment dat de fles wordt gedetecteerd, waardoor de robot direct meebeweegt. Hij trekt een soort sprintje op basis van de berekende snelheid. En dat maakt deze robot heel anders dan bestaande systemen. Shobhit: ‘Hij reageert onmiddellijk op veranderingen. Daardoor is de robot nu zelfs 30 procent sneller dan de huidige topsnelheid van Heinekens lopende banden. Dat maakt de robot dus breder inzetbaar: hij kan nu ook worden ingezet in een andere omgeving, met andere productiesnelheden.’

Slimmer dankzij onafhankelijke partners

Naast de succesvolle innovatie is ook het onafhankelijke karakter van TNO en RoboHouse voor Heineken waardevol. Dennis: ‘Daardoor weten we nu veel beter wat er technisch mogelijk is, wat de moeilijkheden zijn en in hoeverre een vraag aan onze technische leveranciers realistisch is. Dankzij dit project kunnen we tegenover onze leveranciers dan ook veel meer optreden als smart buyer en slimmer eisen stellen. Zeker omdat we opereren in zo’n innovatief vakgebied, waar je de onderdelen niet kant-en-klaar van de plank koopt, is het relevant om over die informatie te beschikken. Want vraag ik te weinig, dan haal ik niet het beste uit m’n project. Vraag ik te veel, dan komt dat de relatie met de leverancier niet ten goede.’

Bovendien zorgt het project voor inspiratie bij collega’s wereldwijd. ‘We delen filmpjes en rapporten vanuit SMITZH op het intranet en bouwen daarmee een soort community binnen Heineken op. Zo ontvangen we feedback, maar ook aanvragen voor de nieuwe robotsystemen van brouwerijen over de hele wereld.’ Om aan die vraag te beantwoorden, willen Dennis en Wessel de robotica-oplossingen kant-en-klaar aan brouwerijen gaan leveren. ‘Daarvoor zijn we nu op zoek naar partijen die de technologie beschikbaar kunnen maken en ondersteunende service kunnen bieden.’

De vervolgstappen van RoboHouse en TNO zijn gericht op het optimaliseren van de robot. ‘Dit is pas de pilotversie’, zegt Bas. ‘Er zijn zeker nog stappen te maken op het gebied van flexibiliteit, bijvoorbeeld door er een andere visionmodule in te plaatsen. Dat maakt de technologie nog breder inzetbaar.’ De organisaties zoeken daarom naar usecases waarin ze dezelfde techniek kunnen inzetten om andere problemen op te lossen. ‘Dat is het bredere plaatje waar we naar kijken’, zegt Shobhit. ‘Dit project staat dan model voor soortgelijke uitdagingen in andere industrieën.’

‘‘Voor maakbedrijven bestaan er bijna geen plekken als SMITZH waar ze naartoe kunnen met zulke vraagstukken’’

– Shobhit Yadav

Mechatronics Engineer Smart Industries and Robotics presso, TNO

Platform voor connecties

Alle partijen benadrukken het nut van samenwerking en kennisdeling om tot een succesvolle en relevante innovatie te komen. ‘Voor maakbedrijven bestaan er bijna geen plekken als SMITZH waar ze naartoe kunnen met zulke vraagstukken’, zegt Shobhit. ‘SMITZH is daarin vrij uniek en van groot belang: het programma biedt een specifiek platform voor de juiste connecties.’ Wessel beaamt de waarde van die connecties: ‘Producenten als Heineken, technologiebedrijven en kennisinstituten zouden veel intensiever met elkaar moeten samenwerken om dit soort projecten handen en voeten te geven. Dat heeft dit project wel onderstreept. De oplossing komt niet uit een pdf of presentatie, iets heeft pas echt effect als je het laat zien en het in de praktijk brengt.’

SMITZH en fieldlab RoboHouse

SMITZH staat voor Smart Manufacturing Industriële Toepassingen in Zuid-Holland. Het innovatieprogramma brengt vraag en aanbod op het gebied van slimme maaktechnologieën bij elkaar, om de toepassing daarvan te stimuleren en bedrijven in de regio te helpen innoveren.

Ieder SMITZH-project bestaat uit minimaal een maakbedrijf en een fieldlab. In dit project vervulde RoboHouse de rol van fieldlab. RoboHouse is gerelateerd aan de TU Delft en fungeert als industriële test-, ontwikkel- en ontmoetingsplek voor iedereen die zich bezighoudt met innovaties op het gebied van robotica.

Heb je een soortgelijke usecase en ben je net als Heineken op zoek naar een praktijkgerichte oplossing? Of wil je eerst meer weten over SMITZH of dit specifieke project? Mail naar info@smitzh.nl voor vragen over het samenwerkingsprogramma, of neem contact op met Shobhit Yadav van TNO of Bas van Mil van RoboHouse voor inhoudelijke vragen.

Programma ‘10 keer klaar voor Industrie 4.0’ leert mkb meer uit machines te halen met data

In het voorjaar start SMITZH het programma ‘10 keer klaar voor Industrie 4.0’, waarbij productiebedrijven met kleine serie productie geholpen worden om data uit hun machines te halen en slim kunnen gebruiken. Dit resulteert in lagere kosten en kortere doorlooptijden. SMITZH roept mkb-bedrijven op om zich aan te melden. Op dinsdag 9 maart is er een webinar waarin alle informatie over het verloop van het programma wordt gedeeld.

mkb machines data

Jeroen Broekhuijsen, Team lead Digital Twinning bij TNO: “Wil jij als mkb-ondernemer leren hoe je meer uit je machines haalt door slim met data om te gaan? Dit is niet alleen weggelegd voor grote bedrijven, maar is nu ook betaalbaar en geschikt voor kleine series producties. In het project ’10 keer klaar voor Industrie 4.0’ verkennen we samen welke data-gedreven beslissingen er in jouw bedrijf mogelijk zijn, door data te ontsluiten en die te verbinden met jouw  processen. Dit kan resulteren in lagere kosten en kortere doorlooptijden.”

10 keer klaar voor Industrie 4.0

Tien productiebedrijven verkennen in vier maanden tijd samen met de experts van TNO en Produmize welke data-gedreven beslissingen er in hun bedrijf mogelijk zijn. Hiervoor ontsluiten ze data en verbinden deze met hun processen. De deelnemende mkb-bedrijven stellen hiervoor een projectmanager met voldoende beslissingsbevoegdheid beschikbaar, die samen met TNO en Produmize het project uitvoert. 

Resultaten

Na het doorlopen van dit traject wordt het volgende bereikt:  

  • Minimaal vijf machines zijn geïntegreerd met een platform om de data te ontsluiten
  • Er is een Live data dashboard ingericht om de data te gebruiken
  • Toepassingen zijn ingericht van Data Driven Decision Making
  • Ervaring opgebouwd met het verbinden van data en informatie uit machines aan processen en beslissingen

Leren digitaliseren

De deelnemers doorlopen het traject in een groep van tien mkb-bedrijven. De projectmanager neemt samen met een directielid zitting in de Digitalisatie-kenniskring. Binnen de kenniskring wordt de voortgang van de individuele implementaties besproken, maar belangrijker nog worden de kansen en uitdagingen die we zien met elkaar gedeeld. Zo wordt bekeken wat je met de data kan en welke data zinvol is binnen de eigen organisatie. De Digitalisatie kenniskring komt eens per maand bij elkaar.

Profiel deelnemende bedrijven

  • Productiebedrijven met (klein) serie productie
  • Meerdere machines in de fabriek die in staat zijn om data gestructureerd te ontsluiten via bijvoorbeeld OPC-UA
  • ERP systeem in gebruik
  • Eigen IT ondersteuning (intern of extern)

Wat wordt gevraagd van de deelnemers

  • Toegang tot bedrijf en IT omgeving
  • Voldoende mens capaciteit voor de IoT kring en implementatie
  • Een investering van € 6.000,-

Meer informatie

Kijk hier voor het volledige programma van ’10 keer klaar voor Industrie 4.0′.

Neem voor meer informatie contact op met: Jeroen Broekhuijsen via: jeroen.broekhuijsen@tno.nl

TNO en fieldlab DFC ontwikkelen open source dataplatform mkb

Hoewel ze in uiteenlopende markten opereren, kampen veel maakbedrijven met dezelfde problemen. Een daarvan hoorde Jeroen Broekhuijsen van TNO opvallend vaak en uit verschillende hoeken: de vraag hoe je data uit machines, sensoren, apparaten en andere hardware haalt en die vervolgens opslaat, interpreteert én toepast. Voor het mkb is daarvoor nog geen flexibele, gebruiksvriendelijke én betaalbare tool op de markt. Met ondersteuning vanuit het innovatieprogramma SMITZH, gingen TNO en fieldlab DFC samen aan de slag op zoek naar een oplossing.

Drie maakbedrijven op zoek naar dataplatform voor mkb

Op het moment dat Jeroen de eerste plannen maakte voor een onderzoek naar een dataplatform, klopten er drie Zuid-Hollandse maakbedrijven aan bij SMITZH met precies dezelfde vraag. ‘Dat kon geen toeval zijn’, zegt Jeroen, die vanuit TNO als expertisepartner is aangesloten bij SMITZH. Dus bracht het innovatieprogramma hem en de bedrijven met elkaar in contact en vormden zij samen met fieldlab DFC een consortium.

‘Met data uit hardware kun je ontzettend veel. Bijvoorbeeld bedrijfsprocessen efficiënter inrichten of de kwaliteit van producten verbeteren. Maar dan moet je eerst weten hoe je aan die data komt en wat je ermee kunt.’

– Jeroen Broekhuijsen, TNO

Airborne: productiviteit verhogen

Airborne automatiseert en digitaliseert de productie van composietmaterialen voor klanten in de ruimtevaart-, luchtvaart- en maritieme industrie. Het maakbedrijf wilde de productiviteit van hun machines meten en inzicht krijgen in factoren die van invloed zijn op de kwaliteit van het eindproduct. 

‘Met zulke informatie kun je de machine efficiënter inzetten en bedrijfsprocessen optimaliseren’, zegt Sarah de Smet, projectmanager bij Airborne. Ze heeft in dit project twee petten op, aangezien Airborne als een van de deelnemers verbonden is aan fieldlab DFC.

Focus-On: inzicht in machines bij klant

Het Dordrechtse Focus-On ontwikkelt zelfsturende regelapparatuur voor de procesindustrie. Denk aan een slim ventiel dat onder meer de temperatuur en druk meet en de instellingen op basis daarvan corrigeert. ‘Het is voor ons van belang om bij te houden welk apparaat naar welke klant is gegaan, met welke instellingen, manier van kalibratie en andere relevantie informatie’, zegt Eelco van Harten, business innovation manager bij Focus-On. ‘Onze productmanager wil ook weten waar een specifiek product goed wordt verkocht, waarom de sales op bepaalde locaties meer of minder succesvol zijn, welke configuratie het best verkoopt en in welke applicatie.’

Krohne: innovatiekracht vergroten

Focus-On is een joint-venture van twee grote metaalbedrijven, Samson en Krohne. Die laatste specialiseert zich in meetoplossingen voor industriële procesinstrumentatie en is het derde maakbedrijf in dit SMITZH-project. ‘Doordat de moederbedrijven zo groot zijn, werken ze daar nog aan de hand van uitgebreide, vaak ouderwetse procedures’, zegt Eelco. ‘De kwaliteit blijft daardoor constant, maar het zorgt voor een gebrek aan innovatiekracht. Terwijl die juist zo hard nodig is nu de technologie zich razendsnel ontwikkelt en het tekort aan technisch specialisten groeit.’

Interconnectiviteit

‘Om je product of processen te blijven ontwikkelen en optimaliseren, heb je eerst inzicht in alle beschikbare data(bronnen) nodig’, legt Eelco uit. ‘Daarbij gaat het niet alleen om data uit productiemachines, maar ook om de gegevens uit software, zoals systemen voor facturatie, projectplanning, CRM en externe data.

‘Lang niet uit alle machines kun je zomaar data halen’, voegt Jeroen toe. ‘Denk aan een boormachine die alleen aan en uit kan. Dan moet je een interface ontwerpen waardoor je toch relevante informatie over de productiviteit uit zo’n apparaat in de database krijgt. Vervolgens vraag je je af hoe zo’n database eruitziet: hoe geef je de verschillende soorten data weer zodat het iets betekent en je er wat mee kunt?’

Als je al die data toegankelijk hebt gemaakt en met elkaar in verband brengt middels een dataplatform, spreek je van interconnectiviteit. En dat betekent: meer inzicht en een heldere visualisatie van je KPI’s.’

Dataflow mkb

In jouw bedrijf zijn waarschijnlijk verschillende databronnen die je met wat aanpassingen kunt aansluiten op een dataplatform om toepassingen mee te bedenken. De gewenste toepassingen kunnen weer leiden tot aanpassingen aan het platform. Omdat zowel de type databronnen als toepassingen in de mkb maakindustrie vaak voor 80% hetzelfde zijn, wordt nu vanuit SMITZH gewerkt aan een gezamenlijk opensource dataplatform voor het mkb.

Het probleem: bestaande oplossingen passen niet bij mkb

Bij veel bedrijven functioneren alle tools, apparatuur en onderdelen nu nog als losse eilandjes: ze zijn slecht samen te voegen. Interconnectiviteit is een grote wens van veel bedrijven.

’Maakbedrijven werken met veel verschillende soorten softwarepakketten voor diverse processen. Maar hoe verbind je een engineeringstool aan een CRM-pakket zonder daar grote investeringen in te hoeven doen? Daarom zijn er gereedschappen nodig die het mogelijk maken om een grote hoeveelheid data van verschillende bronnen in te laden en te verbinden.’

– Eelco van Harten, Focus-On

Eén dataplatform voor alle productiemachines, sensoren en andere hardware bij klanten dus. Voor grotere bedrijven is dit er al wel, bijvoorbeeld het opencloudplatform MindSphere van Siemens. Maar zulke oplossingen zijn veel te omvangrijk voor het mkb.

‘Je kunt wel naar een grote softwareleverancier à la SAP of Siemens stappen, maar dat is voor het mkb niet te betalen en te weinig flexibel. Je kunt dan bijvoorbeeld niet switchen als je een andere planningstool wil gebruiken, omdat het platform die tool niet ondersteunt. En als je die tool wil laten integreren, zit je vast aan hoge consultantkosten.’

– Eelco van Harten, Focus-On

Eelco: ‘Huidige leveranciers van data-oplossingen zijn soms onze concurrenten. Dan verzamel je gegevens met hun tools, wat natuurlijk niet handig is omdat zij dan over jouw data beschikken. Bovendien zijn er zoveel aanbieders dat het risico groot is dat je de verkeerde kiest. Ten derde zijn veel van de platforms nog erg beperkt en alleen te gebruiken door techneuten. Niet gebruiksvriendelijk dus.’

De oplossing: basis dataplatform met maatwerk

In eerste instantie zouden de partijen binnen het project een standaard softwareplatform ontwikkelen dat het mogelijk maakt om die data aan de tools en machines te onttrekken en aan elkaar te koppelen. ’We wilden een kant-en-klaar platform op de markt aanbieden, zodat je niet meer zelf de links tussen de verschillende systemen hoeft te leggen’, zegt Sarah.

‘Tijdens het testen kwamen we tot het inzicht dat het toch nodig is om de toepassing af te stemmen op het individuele bedrijf. De manier waarop je de data toepast, hangt namelijk af van je doelstellingen. De ene organisatie wil processen optimaliseren, de andere bijvoorbeeld de productkwaliteit verbeteren. We hebben daarom wel de code geschreven, maar gekozen voor een opensourcestructuur.’

– Sarah de Smet, DFC en Airborne

Met de opensource-oplossing krijgen bedrijven vrij toegang tot een bepaalde basis, vervolgens kiezen zij zelf hoe zij de software inzetten en maken zij de koppelingen. Met die oplossing kan ieder bedrijf een platform op maat ontwikkelen. 

‘Ieder bedrijf heeft een unieke behoefte en zoekt daarom een unieke oplossing. In ons onderzoek merkten we dat de typen databronnen en toepassingen voor 80% overeenkomen met die van andere bedrijven. Het is daarom interessant om via best practices aan een gezamenlijk basis voor een platform te bouwen. Dat is wat we nu doen.’

– Jeroen Broekhuijsen, TNO

Doordat Krohne, Airborne en Focus-On samen een basisinfrastructuur creëren die zij alle kunnen gebruiken, blijft de software betaalbaar.

Vervolgstappen

Uit analyses van Airborne en Focus-On bleek de opzet van een aanpasbaar opensource-dataplatform voor beide bedrijven goed toe te passen in hun dagelijkse praktijk. Eelco: ‘Als vervolgfase zijn we nu KPI-dashboards aan het maken en meer koppeltools aan het invoegen. Hiermee wordt het platform nog breder inzetbaar en werkt het met nog meer verschillende systemen.’

In de toekomst wil Sarah ook mogelijkheden onderzoeken voor automatische dataverwerking en directe procesaansturing op basis van die data. ‘Zodat bijvoorbeeld grondstoffen automatisch en precies op tijd worden bijgevuld, of dat de machine-instellingen automatisch worden aangepast op basis van de gemeten kwaliteitsparameters. Daarmee win je veel tijd en kun je de kwaliteit van het eindproduct optimaliseren.’

Verder werkt het consortium aan workshops en een demo-opstelling in fieldlab DFC. ‘Daarmee willen we nog meer samenwerkingsverbanden aanjagen en mensen in het echt laten ervaren hoe je met verschillende apparaten eenvoudig data verzamelt’, zegt Sarah. ‘In je eentje kom je daar echt niet uit.’

SMITZH en fieldlab DFC

SMITZH staat voor Smart Manufacturing Industriële Toepassingen in Zuid-Holland. Het innovatieprogramma brengt vraag en aanbod op het gebied van slimme maaktechnologieën bij elkaar, om de toepassing daarvan te stimuleren en bedrijven in de regio te helpen innoveren.

In ieder SMITZH-project doen minimaal een maakbedrijf en een fieldlab mee. The Digital Factory for Composites (DFC) is aanjager van samenwerkingsverbanden op het gebied van digitale productie en vervulde in dit project de rol van fieldlab. Sarah de Smet van DFC en Airborne: ‘In het fieldlab krijg je een goed beeld van de technologie: met de specialistische machines en computers die hier staan en onze uitleg, zie je live hoe data wordt verzameld en in het dashboard verschijnt.’

Werkzaam als mkb’er in de maakindustrie en werk je aan een soortgelijk vraagstuk? Of heb je net als Airborne, Krohne en Focus-On een businesscase om als basis uit te werken voor het dataplatform? Neem dan contact op met Jeroen Broekhuijsen van TNO. Zodra deelname aan workshops en demonstraties van het platform mogelijk zijn, zal SMITZH dit communiceren via haar kanalen.

Equinox: Minder afhankelijk van technisch specialisten dankzij Augmented Reality

In veel productieomgevingen blijven mensen nodig om machines te onderhouden, terwijl het tekort aan technisch geschoolde arbeidskrachten al jarenlang toeneemt. Met dat probleem kampt ook het Zuid-Hollandse maakbedrijf Equinox MHE, dat post- en andere sorteermachines bouwt voor klanten over de hele wereld. Omdat met het onderhoud van de machines veel reistijd gemoeid is, was het bedrijf al vóór de coronapandemie op zoek naar manieren om dit op afstand uit te voeren. In een SMITZH-project testten TNO en Equinox daarom de toepassing van mensgerichte technologieën zoals Augmented Reality, die bedrijven minder afhankelijk maken van experts. Zodat onderhoud efficiënter, goedkoper en duurzamer wordt.

Het is een gewone donderdagmiddag in tijden van corona. Op het bedrijventerrein langs de N207 in Hillegom zijn maar weinig parkeerplekken bezet, de beeldschermen op het kantoor van Equinox staan op zwart, het bedrijfspand langs de Ringvaart mag je als bezoeker alleen met mondkapje betreden. In de werkplaats, twee klapdeuren verder, gaat het werk wel op volle toeren door: met 2.600 vierkante meter is hier ruimte zat om voldoende afstand te houden. ‘De vraag naar werken op afstand speelde bij ons al voordat we ooit van COVID-19 hadden gehoord’, zegt Tjalling Dolman, projectmanager bij Equinox, ‘maar de lockdown versterkte wel de noodzaak ervan.’

Onderhoud en reparaties op afstand

De Hillegomse systeemintegrator levert onder meer sorteer- en verpakkingsmachines en bijbehorende systemen voor de post, retail, e-tail en e-fulfilment. Organisaties als de Britse Royal Mail, GLS Spanje en The Delivery Group zijn klant, net als vele webwinkels. ‘Onze machines automatiseren het complete bestelproces vanaf het moment dat de orderpicker het product vanuit het magazijn op de lopende band legt’, vertelt Tjalling. ‘Het product wordt dus automatisch ingepakt met een dozensluiter en vervolgens gesorteerd voor transport.’

Aangezien Equinox vooral buitenlandse klanten heeft, zijn technisch specialisten veel onderweg voor reparaties en onderhoud. ‘Net als veel andere maakbedrijven hebben we lang niet altijd genoeg specialisten beschikbaar’, zegt Tjalling. ‘Dat kan komen door krapte op de arbeidsmarkt, maar dus ook door een pandemie. Laatst wilden we twee specialisten naar Turkije sturen, maar die zouden bij terugkomst twee weken in quarantaine moeten.’ Onderhoud op afstand kan dan uitkomst bieden en, ook zonder corona, een hoop tijd en kosten besparen. ‘Natuurlijk kun je een keer een engineer sturen in plaats van een specialist, maar dat is geen structurele oplossing. Hetzelfde geldt voor remote assistance technology waarbij een specialist inbelt om een medewerker op afstand te begeleiden: als dat al werkt, blijf je afhankelijk van de expert.’

Smart glasses, tablet en HoloLens

Tijdens een webinar van het Lean Management Network hoorde Tjalling voor het eerst over TNO’s onderzoek naar mensgerichte technologieën. Deze ondersteunen mensen bij hun taakuitvoering. ‘Vaak is dat op fysiek gebied, met een cobot of exoskelet,’ zegt Tim Bosch van TNO, ‘maar ze kunnen ook cognitief helpen, zoals de smart glasses, de tablet-app en Microsoft HoloLens 2 die we in dit onderzoek testten.’ Alle drie de technologieën zijn voorbeelden van operatorondersteuning, waarbij een medewerker zonder hulp van buitenaf stapsgewijs door een procedure wordt geleid.

‘Bepaalde maak- en onderhoudsprocessen zijn te complex om te automatiseren of te robotiseren’, legt Tim uit. ‘Voor die werkzaamheden heb je nog steeds iemand met de juiste kennis en skills nodig. Maar dan moet die er wel zijn. Mensgerichte technologieën stellen ook minder ervaren medewerkers in staat complex werk te doen. De technologie daarvoor bestaat al, het is een kwestie van die ook goed benutten. Hoe je dat het beste doet, wilden we in dit project onderzoeken. Daarvoor waren we alleen nog op zoek naar goede use cases. De uitdaging van Equinox leende zich daar perfect voor.’

Onderhoudsprocedure als use case

Welke informatie heeft een medewerker nodig om een taak uit te voeren? Hoe richt je de beschikbare technologie daarop in? En waar liggen de grenzen van de technologie? Die concrete vragen wilden Tim en zijn collega-onderzoekers met dit project beantwoorden. Daarvoor stelden ze samen met Equinox een use case op waarin testpersonen een standaard onderhoudsprocedure doorliepen zonder hulp van een expert. ‘We kozen een onderdeel dat typisch is voor storingen en voldoende complexiteit heeft: het vervangen van de inverter van een pakketsorteermachine.’ De testpersonen, die geen technische kennis van de machine hadden, doorliepen de procedure drie keer, steeds met een andere methode, in willekeurige volgorde.

De geteste technologieën

Veruit de meest spectaculaire technologie in dit project is de Microsoft HoloLens 2, die je draagt als een fietshelm. Een transparant beeldscherm met instructies beweegt mee met je kijkrichting. Met een 3D-stippellijn geeft de bril aan waar op de machine je een bepaald onderdeel vindt. Een cirkel om een knop of een oplichtende schroef laat zien waar je precies op moet drukken of aan moet draaien. Gelukt? Dan zeg je ‘next step’ of houd je het stipje, dat als een muisaanwijzer je kijkrichting volgt, een paar seconden op een pijltje gericht. De volgende stap verschijnt in beeld. Wil je een instelling wijzigen, dan kijk je even naar de binnenkant van je pols, waar als een horloge het menu verschijnt en je met je andere hand op kunt tikken.

De twee verschillende geteste smart glasses werken volgens hetzelfde principe, maar iets minder geavanceerd. De een toont rechts in beeld een ondoorzichtige foto van het te vervangen onderdeel met illustraties van de handelingen. Door gesproken opdrachten als ‘next step’ en ‘proceed’ verschijnt het volgende plaatje. De tweede bril bestuur je met een afstandsbediening, die met een kabel aan de bril vastzit. Daarmee heb je dus niet beide handen vrij. De afbeeldingen zijn wel wat groter dan op de andere slimme bril.

Bij de laatste methode, een app voor de tablet, werk je aan de hand van de bekende montagehandleiding: een foto met illustraties en een korte uitleg in tekst. Sommige stappen bestaan uit meerdere fotos. Door te swipen ga je eenvoudig naar de vorige of volgende stap.

Hoewel de gebruikservaring van de geteste methodes erg verschilt, waren zowel de testpersonen als Equinox zelf over iedere technologie enthousiast. Tjalling: ‘De HoloLens leek een ver-van-m’n-bedshow, maar is in de praktijk helemaal niet zo futuristisch.’ Ook de tabletmethode overtrof de verwachtingen. ‘Daar waren we vooraf wat sceptisch over. Het leek ons onhandig om geen handen vrij te hebben, maar in de praktijk bleek dat helemaal geen belemmering.’ Enige kanttekening: een van de twee geteste smart glasses toonde net te kleine afbeeldingen voor een optimale gebruiksvriendelijkheid. Maar ook daarmee doorliepen de testpersonen de procedure succesvol.

Inwerken zonder collega

Het belangrijkste onderzoeksresultaat? ‘Dat mensen zonder knowhow van de technologie de onderhoudsprocedure volledig zelfstandig kunnen doorlopen’, zegt Tim. ‘Met een snelheid die gelijkstaat aan die van een specialist.’ Dat inzicht vormt een bewijs voor de toegevoegde waarde van mensgerichte technologie. Tjalling: ‘Iemand zonder voorkennis kan relatief complexe handelingen uitvoeren zonder hulp van een expert. Een medewerker die pas twee weken bij ons werkte, kon de onderhoudsprocedure foutloos doorlopen. Net als vanmiddag een journalist dat kon. Dat bespaart een bedrijf de tijd die de specialist anders kwijt zou zijn aan inwerken of reizen naar de klant. Doordat meerdere mensen het werk kunnen uitvoeren, heb je bovendien minder specialisten nodig.’ Nog een voordeel noemt hij dat de technologie een bepaalde werkwijze afdwingt. ‘Specialisten willen nog weleens op een traditionele manier met nieuwe technologieën omgaan, terwijl dat lang niet altijd efficiënt is.’

‘Zonder de kennis van TNO en de financiële en facilitaire hulp van SMITZH hadden we nooit geweten dat mensgerichte technologieën ons zoveel efficiëntie konden opleveren.’ 

– Tjalling Dolman, projectmanager R&D bij Equinox

Voor het beste resultaat bleek wel dat het instructieniveau moet aansluiten bij de gebruiker. Tjalling: ‘Voor iemand zonder technische achtergrond kan de draairichting om een schroef los te maken al relevante informatie zijn. Maar als je dat ook in de instructies zet bij een meer ervaren medewerker, voelt die zich niet serieus genomen.’ Op dat gebied wil TNO de technologie nog verder ontwikkelen en de interface verbeteren. ‘Bijvoorbeeld door de bril zelflerend te maken met een AI-component, die zelf kan inschatten hoeveel informatie een gebruiker nodig heeft om een taak uit te voeren’, zegt Tim. Ook de manier waarop je informatie het beste kunt weergeven wil hij verder onderzoeken. ‘Welk effect heeft het bijvoorbeeld als je de animaties weglaat?’ Tot slot wil TNO het aanmaken van instructies verder vereenvoudigen. ‘Dat gebeurt nu grotendeels handmatig. Er zal altijd een specialist naar moeten kijken, maar we willen wel manieren onderzoeken waarop dat meer geautomatiseerd en dus sneller kan.’ 

Meer efficiëntie, duurzaamheid en inclusie

Nu het onderzoek is afgerond, werkt Equinox aan een businesscase die moet uitwijzen of het integreren van de technologie op lange termijn zinvol is. Om andere maakbedrijven ook de voordelen van de mensgerichte technologieën te laten ervaren, ontwikkelt het bedrijf samen met SMITZH en TNO een demo-opstelling in fieldlab RoboHouse. Daar kunnen geïnteresseerden de technologie in de praktijk ervaren. ‘Veel maakbedrijven hadden al interesse en die populariteit heeft door corona een enorme vlucht genomen’, zegt Tim. ‘We zien wel dat bedrijven nog voorzichtig zijn, omdat ze denken dat de technologieën meer tijd kosten dan ze opleveren door veranderingen in werkprocessen en het ermee leren werken.’

Met de demo’s, workshops en trainingen bij RoboHouse wil SMITZH laten zien dat mensgerichte technologieën niet zo futuristisch of ingewikkeld zijn als veel mensen denken. Tim: ‘De technologieën maken complex werk juist eenvoudig en toegankelijk. Daarmee dragen de innovaties bij aan efficiëntie en duurzaamheid door minder reis- en inwerktijd. Maar bijvoorbeeld ook aan inclusie van mensen met minder kansen op de arbeidsmarkt, meer zelfvertrouwen en het verkleinen van het tekort aan technisch specialisten. Om die impact te vergroten, willen we goed kunnen adviseren over de bewezen mogelijkheden en voordelen. Om zo andere maakbedrijven te motiveren om deze veelbelovende technologieën zelf ook te gaan ervaren én gebruiken.’

Zelf de Microsoft HoloLens, smart glasses en tabletmethode ervaren en zien wat ze jouw bedrijf kunnen opleveren? Meld je aan voor een demo of workshop bij fieldlab RoboHouse. Neem hiervoor contact op met Tim Bosch van TNO.

Zet een innovatietrainee op de digitaliseringskansen in jouw bedrijf

Sta jij open voor industrie 4.0, maar weet je niet goed waar de kansen liggen? Laat een innovatietrainee met begeleiding vanuit het hoger onderwijs dit onderzoeken. Sinds vorige week is daarvoor het innovatietraineeship gelanceerd. Studenten van hogescholen krijgen hierbij na een stage als onderzoeker ook een dienstverband als onderzoeker in een bedrijf. Gedurende deze gehele periode is een lector van de hogeschool betrokken bij het onderzoek van de zogenoemde innovatietrainee. Ook worden de studenten gedurende die periode getraind in ondernemers- en managementvaardigheden.

De komende maanden zoeken hogescholen in hun regio ondernemers die een innovatietrainee kunnen plaatsen. Na goedkeuring van hun onderzoeksplannen kunnen de eerste trainees in januari volgend jaar beginnen. Het traineeship eindigt dan medio 2022. In totaal kunnen in de komende twee jaar zo’n tweehonderd trainees starten. Met de regeling is 3,9 miljoen euro gemoeid.

Innovatietraineeship

Het innovatietraineeship is onderdeel van het Kennis- en Innovatie Convenant dat staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat op 11 november 2019 naar de Tweede Kamer stuurde. Het is een initiatief van de topsectoren Chemie, Agri & Food en Logistiek dat wordt uitgevoerd door Regieorgaan Sia (onderdeel van NWO).

Staatssecretaris Keijzer: ‘Innovatie is: van een slim idee een nieuw product maken. Waar mensen iets aan hebben, en waar je iets aan kunt verdienen. Daar hebben we ondernemers voor nodig. En zij hebben op hun beurt weer behoefte aan talent. Daarom hebben we samen met Regieorgaan Sia, de hogescholen en de Topsectoren het innovatietraineeship bedacht en opgezet. Daarmee krijgt het mkb een frisse kracht om mee te groeien met wat de tijd en klanten vragen, en doet de hbo-student werkervaring op.’

Jacco Vonhof, voorzitter MKB-Nederland: “Wij zijn blij met dit nieuwe initiatief, waar we ook voor hebben gepleit. Zeker in het mkb is innovatie méér dan ingewikkeld onderzoek en nieuwe vindingen. Het gaat ook en vooral om toepassing van bestaande technologie en voortdurende vernieuwing van producten, productieprocessen en diensten. Dan is het wel van belang dat ondernemers de snel gaande technologische ontwikkelingen kunnen bijbenen en er hun voordeel mee kunnen doen. Studenten kunnen daar met hun kennis en inzichten een waardevolle bijdrage aan leveren.”

Meer weten?

Neem dan contact op met Katri Kaunismaa, van de Hogeschool Rotterdam.

 

 

Kabinet zet in op structurele groei Nederlandse maakindustrie

Samen met het bedrijfsleven en kennisinstellingen gaat het kabinet komende jaren nog meer inzetten op groei van de Nederlandse maakindustrie. Er wordt geïnvesteerd in sleuteltechnologieën en in groeimarkten als High Tech/ICT (halfgeleiders, fotonica, quantum, AI) en industrie. In de onlangs verspreide visie wordt ook gesproken over het verder stimuleren van digitalisering binnen de industrie, het opleiden en ontwikkelen van personeel, het verbeteren van vestigingsvoorwaarden en regionale én Europese samenwerking. Daarnaast is er aandacht voor verduurzaming en hergebruik van grondstoffen (circulaire maakindustrie).

Staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) bood de “Visie op de toekomst van de industrie in Nederland” op vrijdag 30 oktober 2020 aan de Tweede Kamer aan. Keijzer: “Publieke en private partijen moeten deze groeiopgave samen aangaan. Groei van het aandeel industrie in onze economie is geen doel op zich, maar een middel om ervoor te zorgen dat Nederland ook in de toekomst mondiaal kan blijven concurreren en minder afhankelijk is van andere landen. Het is bovendien een reële ambitie, omdat we al een innovatieve industrie hebben die bereid is om nóg slimmer te worden en omdat we beschikken over een goed opgeleide beroepsbevolking.”

Groei Zuid-Hollandse maakindustrie

De Zuid-Hollandse technologische industrie is een belangrijke innovator en banenmotor voor heel Nederland. Ruim 31.000 bedrijven en 110.000 medewerkers in Zuid-Holland zorgen voor producten en toepassingen die wereldwijd worden gebruikt. De kabinetsvisie sluit goed aan bij de opzet van het innovatieprogramma SMITZH en op de vier actielijnen van de ActieAgenda Technologische Industrie die vanuit de EBZ uitgewerkt wordt. Zuid-Hollandse bedrijven en kennisinstellingen zetten vol in op het realiseren van nieuwe waardeketens. Door te werken aan producten met een hoge toegevoegde waarde, sluiten we aan op de groeimarkten van de toekomst. De tweede actielijn richt zich op digital supply chains, waarmee we productieprocessen efficiënter inrichten met behulp van de modernste technologieën zoals 3D-printen. Daarnaast maken we werkenden gereed voor de nieuwe banen in de maakindustrie door de beroepsbevolking bij te scholen. Tot slot investeren de Zuid-Hollandse partners fors in de fysieke plekken waar innovatie en productie samenkomen, en zo realiseren we een ketting van innovatieclusters van Noordwijk tot Dordrecht.

Meewerken aan ActieAgenda Technologische Industrie

De plannen in Zuid-Holland zorgen er voor dat de omzet van de maakindustrie in de regio binnen tien jaar verdubbeld én dat er 30.000 nieuwe banen bijkomen. Wil jij meepraten over de vormgeving van de ActieAgenda Technologische Industrie dan kan dat. Neem dan contact op met Anton Duisterwinkel. Op 7 december van 15.00-18.00 uur staat er een bijeenkomst gepland. De ActieAgenda wordt in januari gelanceerd.

6 Big Data voorbeelden en concrete tips voor de industrie

Big Data. Het zou dé manier zijn om eenvoudig je verdienmodel te verbeteren. Het is alleen zo’n containerbegrip dat het al snel onduidelijk wordt wat jij er binnen jouw bedrijf mee kan bereiken. Om je te inspireren, bespreekt Jeroen Broekhuijsen, dataspecialist bij TNO, zes praktische voorbeelden van Big Data toepassingen in de industrie. Daarnaast geven we je een aantal tips om zelf aan de slag te gaan en bespreken we hoe SMITZH jou daarbij kan helpen.

Zinvolle Big Data digitalisering

Dat je business uit data kunt halen, daar ben je je van bewust. Je bent alleen geen facebook of Google, maar hebt gewoon je productie draaiende te houden. Is het dan wel zinvol om in Big Data te investeren? Laten we hier eens verder op inzoomen. Want zodra de data die je bij kunt houden over jouw bedrijf niet meer in een Excel sheet past, beschik je over de mogelijkheid om Big Data succesvol toe te passen.

Binnen de industrie zijn er drie toepassingsgebieden waar je mogelijk kunt verslimmen door Big Data:

  1. Je fabriek met alle bijbehorende machines, processen en personeel.
  2. Je samenwerkingsketen met partners, leveranciers en klanten.
  3. De levenscyclus van je product of dienst.

Uiteraard doe je dit niet zomaar omdat het kan, maar omdat digitalisering helpt. Je begint met het uitgangspunt dat er ruimte is voor verbetering binnen één van deze toepassingsgebieden. Bijvoorbeeld op het gebied van kwaliteit, aansturing, procesbeheersing of de tijd die je nodig hebt om een product van offerte tot levering te brengen. Een digitaliseringsexpert kan vervolgens goed inschatten of er voor dat uitgangspunt mogelijk een oplossing ligt in technieken als visualisatie, datamanagement, sensoren, IoT, beeldherkenning, machine learning en meer.

Concrete voorbeelden van Big Data toepassingen

Om je een beeld te geven van wat er zoal mogelijk is met Big Data, bespreekt Jeroen Broekhuijsen, data-expert bij TNO, zes concrete voorbeelden van succesvolle toepassingen van Big Data in de maakindustrie.

1. Tuinder op zoek naar rotte paprika’s

Een tuinder gebruikt plukmachines die uitgerust zijn met sensoren en camera’s. Hij bedenkt dat zijn productieproces efficiënter kan verlopen als hij de rotte paprika’s er zo vroeg mogelijk uit kan pikken. Op basis van grote hoeveelheden data in de vorm van plaatjes leert de plukmachine een gezonde paprika te herkennen en onderscheiden van een rotte paprika. De tuinder weet door deze Big Data toepassing zijn productieproces tot 2% te versnellen.

2. Scheepswerf die planning optimaliseert

Het maken van een schip is een arbeidsintensief proces. Daar komen al snel meer dan een miljoen manuren bij kijken. Een goede planning heeft een enorm positief effect op de kosten. Door alle stappen uit het productieproces te digitaliseren en koppelen aan waarden als uren en afhankelijkheden, kan de scheepswerf bij een vertraging bepalen welke processen doorgang kunnen vinden en welke niet. Personeel komt door deze Big Data toepassing minder snel stil te zitten en dat bespaart kosten.

3. Duurzaam mallen maken zonder fouten

Mallen maken is een productieproces waarbij veel afval ontstaat. Als je een mal met een lasrobot 3D-print kun je dit voorkomen. Maar hoe voorkom je dat de lasrobot fouten maakt tijdens het printen? Hier gebruik je Big Data voor. Een slimme machine kan op basis van historie en beeldherkenning zorgen dat apparaten elkaar niet raken. Zodra er een afwijking wordt gemonitord, wordt een seintje gegeven om het automatische productieproces te controleren en bij te stellen. Kortom: geen onnodige kosten én duurzamer.

4. Gezamenlijk staalmagazijn voor de regio

In een industriegebied zijn meerdere producenten die staal gebruiken en dit in hun eigen fabrieken opslaan. Door elkaars voorraden te delen en met Big Data voorspellingen te doen voor de gezamenlijke toekomstige behoeften, kunnen de producenten met een gezamenlijk staalmagazijn veel kosten besparen. Het staal neemt zo niet onnodig veel ruimte in beslag en bestellingen kunnen in grotere hoeveelheden en dus goedkoper worden gedaan.

5. Track en trace in de keten van een chipmaker

Een grote chipmaker werkt met tien partijen samen in de keten voordat hij een product oplevert. Al deze partijen zijn afhankelijk van elkaar. De klant krijgt echter enkel de indicatie dat het product binnen acht dagen klaar is. Door met track en trace te werken, kunnen de ketenpartners voorkomen dat een product ergens onnodig lang ligt opgeslagen. De klant heeft meer inzicht in het proces en weet precies wanneer hij het eindproduct kan verwachten. Efficiëntie van de ketensamenwerking en de klanttevredenheid nemen toe.

6. Datavisualisatie identificeert klanten die aandacht vragen

Een assemblagebedrijf werkt met een ERP-systeem. In een maandelijks rapport is af te lezen hoe lang een bestelling in het magazijn ligt en welke klanten deze hebben besteld. Door deze maandelijkse gegevens over een jaar heen te visualiseren, wordt het makkelijker om analyses uit te voeren en voorspellingen te doen. In eens wordt inzichtelijk welke klant zijn bestelling nooit ophaalt en welke klant tegen de verwachting in is gestopt met bestellen. De accountmanager weet hierdoor op welke klant hij zijn aandacht moet richten.

Big Data voorbeelden… En nu?

Wellicht heeft één van de voorbeelden jou al geïnspireerd om mogelijke verbeteringen te spotten voor je fabriek, keten of product. Als dit niet het geval is, kan het de moeite waard zijn om een medewerker uit zijn dagelijkse processen vrij te maken of een onafhankelijk expert in te huren om te bepalen waar je verbeterslagen kunt maken.
Jeroen: “Veel bedrijven zijn angstig dat er grote investeringen en aanpassingen gedaan moeten worden om Big Data succesvol toe te passen. In de praktijk blijkt dat 70% van de benodigde data vaak al in het bedrijf gemeten wordt. Het ontbreekt alleen aan een bekwaam data-expert om de data samen te brengen of te bedenken hoe deze data beter gebruikt kan worden.”

Maak gebruik van SMITZH

SMITZH helpt je graag bij het vinden van een data-expert zoals Jeroen om een Big Data analyse te maken. Vaak is een dag rondlopen bij het bedrijf, mensen spreken en processen bestuderen al voldoende. Bovendien kun je met een voucher voor een haalbaarheidsonderzoek een flinke korting krijgen om jouw vermoeden te staven. De SMITZH fieldlabs beschikken over de laatste onderzoeksfaciliteiten en hebben ruime ervaring met data en digitalisering. Zo heb jij binnen de kortste keren een stevige onderbouwing om te bepalen hoe je met Big Data verder kunt gaan en krijg je meer inzicht in wat de Big Data toepassing jouw bedrijf kan opleveren.

Meer weten?

Zou je graag eens met ons willen sparren over mogelijke Big Data toepassingen binnen jouw bedrijf? Of heb je interesse in een haalbaarheidsonderzoek om beter te bepalen of Big Data een oplossing is voor jouw probleem? Neem dan contact op met Lotte de Groen. Zij kan je alles vertellen over de mogelijkheden bij SMITZH en je verbinden aan een expert zoals Jeroen.

Project digitalisering en bijscholing maakindustrie ontvangt financiering MRDH

Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) maakte onlangs bekend extra financiële middelen vrij te maken om de regio sterker uit de crisis te laten komen. De gemeente Delft ontving € 69.000,- als bijdrage om het project ‘Operator van de toekomst’ mogelijk te maken. Het project is gericht op digitalisering en bijscholing van de maakindustrie en door RoboAcademy, in samenwerking met fieldlab SAM|XL, de TU Delft en bedrijven zoals Pilz. Het project gaat november 2020 van start en zal lopen tot mei 2022.

Leren werken met cobots en automatisch geleide voertuigen

Het omgaan met geavanceerde software en machines vereist een slimme samenwerking tussen mens en techniek. Denk bijvoorbeeld aan assemblage- en afwerkingsprocessen die geautomatiseerd kunnen worden zoals boren, schroeven, lijmen en schuren. Hierbij werken medewerkers samen met een robot (cobots) en krijgen zij werkinstructies via bijvoorbeeld een augmented reality (AR) of virtual reality (VR)-bril. Daarnaast kunnen automatisch geleide voertuigen (AGV’s) worden ingezet om medewerkers bijvoorbeeld te ontlasten bij sjouw- en tilwerk. In het project is ruimte voor 45 werknemers en 45 vo-, mbo- en hbo-docenten om te worden bijgeschoold in het gebruiken van cobots en AGV’s.

Training cobots

Training cobots

Leven lang ontwikkelen

Het project is niet alleen gericht op een eenmalig scholingsaanbod, maar moet een leven lang ontwikkelen stimuleren. Hiervoor zullen 25 docenten in professionele leergemeenschappen lesmateriaal ontwikkelen om hun studenten te onderwijzen. Ook wordt het vakdidactisch lesmateriaal vermarkt en opgeschaald om (online) modules voor (ex-) werkenden op te zetten. TU Delft voorziet in korte digitale modules die gebruikt worden voor de praktijktraining. RoboAcademy coördineert het opzetten van het programma, organiseert en geeft de trainingen en zorgt voor de opschaling daarvan.

Betrokken fieldlabs

Het Delftse fieldlab SAM|XL zal als locatie dienen voor praktijktrainingen. SAM|XL richt zich op het automatiseren en robotiseren van de productie van grote lichtgewicht constructies. Daarnaast beschikt dit fieldlab over de nodige expertise en heeft zij een rol in de borging van de opgedane kennis voor de regio. RoboAcademy is het skillslab in oprichting voor het fieldlab en fieldlab RoboHouse. RoboAcademy ontwikkelt flexibele bijscholingsmodules gericht op 21st century manufacturing skills, waarmee deelnemers zelf een leerpad kunnen samenstellen.

Meer weten?

Ben jij geïnteresseerd in dit project? Maak dit nu alvast kenbaar aan RoboAcademy. Je ontvangt meer informatie over deelname aan het trainingsprogramma op het moment dat aanmelden mogelijk is. Lijkt het je leuk om mee te werken aan de uitvoer van het project, bekijk dan deze vacature eens. RoboAcademy zoekt een projectmedewerker die de inhoud van het programma zal bepalen en trainingen kan geven. Heb jij een andere vraag over bijscholing van personeel? Stel deze dan aan Marie-Claire van Dorenmalen.